Gepubliceerd op maandag 28 september 2026
IEF 23866
Rechtbank Noord-Nederland ||
26 aug 2026,
Rechtbank Noord-Nederland 26 aug 2026,, IEF 23866; ECLI:NL:RBNHO:2026:11723 (Des Pots tegen [gedaagde]), https://ie-forum.nl/artikelen/auteursrechtinbreuk-op-bloemenvazen-van-des-pots

Auteursrechtinbreuk op bloemenvazen van Des Pots

Rb. Noord-Holland 26 augustus 2026, IEF 23866; ECLI:NL:RBNHO:2026:11723 (Des Pots tegen [gedaagde]). Des Pots exploiteert een collectie bloemenvazen die volgens haar in 2006 is ontworpen en vanaf januari 2007 op de markt is gebracht. Gedaagde bood in 2025 op een beurs en via haar webshop sterk overeenstemmende rozenvazen aan. De rechtbank oordeelt dat de bloemenvazen auteursrechtelijk beschermd zijn. Gedaagde had de beschermingswaardigheid van de vormgeving niet concreet betwist, zodat de rechtbank uitgaat van auteursrechtelijke bescherming aan de hand van de maatstaf dat sprake moet zijn van een eigen intellectuele schepping die de vrije en creatieve keuzes van de maker weerspiegelt. Ook staat voldoende vast dat Des Pots auteursrechthebbende is. Des Pots kan zich beroepen op artikel 8 Aw, omdat zij de vazen als van haar afkomstig openbaar heeft gemaakt zonder vermelding van een natuurlijke persoon als maker. Daarnaast volgt uit een overgelegde akte dat de ontwerpster haar auteursrechten aan Des Pots heeft overgedragen. De betwisting van het makerschap door gedaagde acht de rechtbank onvoldoende gemotiveerd.

Het verweer dat gedaagde een soortgelijke vaas eerder op de markt had gebracht, slaagt niet. De door gedaagde overgelegde stukken dateren uit mei en augustus 2007, terwijl Des Pots een uitnodiging voor de presentatie van haar voorjaarscollectie in januari 2007 heeft overgelegd. De rechtbank gaat er daarom van uit dat de rozenvazen van gedaagde aan de bloemenvazen van Des Pots zijn ontleend en concludeert dat sprake is van auteursrechtinbreuk. Een afzonderlijke beoordeling van slaafse nabootsing blijft achterwege, omdat die grondslag niet tot een verdergaande of andere toewijzing kan leiden. De rechtbank wijst onder meer een verklaring voor recht, een stakingsbevel, een opgaveverplichting, een terugroepbevel en een rectificatie toe. Aan het stakingsbevel wordt een dwangsom van € 1.000 per dag verbonden, met een maximum van € 100.000. Omdat gedaagde tijdens de procedure failliet is verklaard, is de procedure voor vorderingen die ter verificatie kunnen worden ingediend op grond van artikel 29 Fw van rechtswege geschorst, terwijl de procedure voor de overige vorderingen op grond van artikel 28 lid 4 Fw is voortgezet.

Ontlening / eerder gebruik

4.6.

Voor auteursrechtinbreuk is vereist dat sprake is van ontlening. [gedaagde] beroept zich op een factuur van 7 mei 2007 van een Chinese producent voor “Rozenvazen”, een ongedateerde offerte met corresponderende artikelnummers en een foto van een Flower Pot en stelt dat zij een soortgelijke vaas, de Flower Pot, al eerder dan Des Pots op de markt heeft gebracht.

4.7.

Dit verweer faalt omdat Des Pots een uitnodiging voor de expositie van haar voorjaarscollectie in januari 2007 heeft overgelegd, dus van vóór de datum van de overgelegde factuur. Ook de door [gedaagde] overgelegde foto van een Flower Pot / Rozenvaas laat een latere datum zien dan deze uitnodiging, namelijk 7 augustus 2007. Alleen al daarom kan op basis van deze stukken niet worden aangenomen dat [gedaagde] de Flower Pot / de Rozenvaas eerder op de markt heeft gebracht dan Des Pots de Bloemenvazen Collectie. De rechtbank gaat er daarom van uit dat de door [gedaagde] aangeboden Rozenvazen zijn ontleend aan de Bloemenvazen van Des Pots.

4.8.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de Rozenvazen van [gedaagde] inbreuk maken op de Bloemenvazen van Des Pots.

Slaafse nabootsing

4.9.

Des Pots heeft aan haar vordering mede ten grondslag gelegd dat [gedaagde] onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld op grond van slaafse nabootsing. Omdat in het voorgaande is vastgesteld dat [gedaagde] met het aanbieden en verhandelen van haar vazen inbreuk heeft gemaakt op de auteursrechten van Des Pots op de Bloemenvazen en de gevorderde verklaring voor recht, stakingsbevelen, de dwangsom en de overige nevenvorderingen in beginsel al op die grondslag toewijsbaar zijn, heeft [gedaagde] onvoldoende zelfstandig belang bij een afzonderlijke beoordeling van de vraag of daarnaast ook sprake is van onrechtmatig handelen wegens slaafse nabootsing. Deze grondslag zou namelijk niet tot een verdergaande of andersluidende toewijzing van het gevorderde kunnen leiden dan al op grond van de auteursrechtinbreuk wordt bereikt. De rechtbank laat de beoordeling van het beroep op de slaafse nabootsing daarom verder onbesproken en zal een afzonderlijk bevel op die grondslag zoals gevorderd onder C dan ook afwijzen.