Muziekuitgaveovereenkomsten opzegbaar; auteursrechten moeten na zes maanden worden terug overgedragen
Rb. Midden-Nederland 26 augustus 2026, IEF 23799; ECLI:NL:RBMNE:2026:6161 (eisers tegen [gedaagde]). Eisers, een artiestenduo, sloten in 1996 met de rechtsvoorganger van gedaagde verschillende overeenkomsten over de exploitatie van hun muziek, waaronder afspraken over twee muziekfondsen, een voorschot van fl. 1,2 miljoen, een winstaandeel van 50% en overdracht van auteursrechten. De rechtbank verwerpt het standpunt van eisers dat de twee fondsen vennootschappen onder firma waren. Uit de inhoud van de overeenkomsten en de wijze waarop partijen daar gedurende ongeveer dertig jaar uitvoering aan hebben gegeven, volgt volgens de rechtbank dat sprake was van muziekuitgaveovereenkomsten met onderfondsen als handelsnaam van de muziekuitgeverij en niet van zelfstandig opererende vof’s. De vorderingen tot ontbinding, vereffening en verdeling worden daarom afgewezen. Ook bestaat geen recht op een aanvullende financiële eindafrekening over de latere jaren: het recht op 50% van de netto-opbrengst gold alleen gedurende de looptijd van de exclusieve optieovereenkomsten, die voor het ene fonds eindigde in 1996 en voor het andere, na verlenging, op 31 december 1998. Over die perioden hebben eisers afgerekend gekregen.