Auteursrecht  

IEF 23738

Uitspraak ingezonden door Hans Bousie, &bousie.

Geen auteursrecht op functionele websiteteksten, wel verbod op nep reviews

Hof Amsterdam 4 aug 2026,, IEF 23738; 200.343.772/01 (Fixiq Legal tegen Bonnetje c.s.), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-auteursrecht-op-functionele-websiteteksten-wel-verbod-op-nep-reviews

Hof Amsterdam 4 augustus 2026, IEF 23738; RB 4075; IT 5415; 200.343.772/01 (Fixiq Legal tegen Bonnetje c.s.) In deze zaak tussen Fixiq Legal en Bonnetje c.s. staat een geschil over websites en apps voor het aanvechten van verkeersboetes centraal. Nadat gesprekken over een mogelijke samenwerking waren stukgelopen, lanceerde Bonnetje een eigen website en app. Fixiq Legal stelde dat Bonnetje auteursrechtelijk beschermde teksten had overgenomen en misleidende handelspraktijken toepaste door onder meer nep reviews te plaatsen. Anders dan de kantonrechter oordeelt het hof dat de teksten op de testwebsite van Bonnetje openbaar waren gemaakt. De URL was via sociale media gedeeld en de website was, zij het met enige moeite, toegankelijk voor derden. Dat de openbaarmaking mogelijk niet was beoogd, maakt dat niet anders. Van auteursrechtinbreuk is volgens het hof echter geen sprake. Het format en de opbouw van de website zijn te zeer door functionaliteit bepaald. Ook de teksten van de Q&A, het doorloopproces en het machtigingsformulier zijn overwegend functioneel, technisch en juridisch van aard. Zij dragen geen waarneembaar persoonlijk stempel en voldoen daarom niet aan de werktoets.

IEF 23735

Uitspraak ingezonden door Alexander Heirwegh en Dieter Delarue, Co & Delarue

La Mer-, Mirante- en Penida-meubels maken inbreuk of dreigen inbreuk te maken op model- en auteursrechten van Tribù

Belgische gerechten 6 aug 2026,, IEF 23735; (Tribù tegen [verweersters]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/la-mer-mirante-en-penida-meubels-maken-inbreuk-of-dreigen-inbreuk-te-maken-op-model-en-auteursrechten-van-tribu

Ondernemingsrechtbank Brussel 22 juli 2026, IEF 23735; IEFbe 4271; A/25/02427; A/25/03798 (Tribù tegen [verweersters]). In deze samengevoegde zaken stelt Tribù, een Belgische onderneming die actief is in het ontwerp, de productie en de commercialisering van outdoor designmeubilair, dat twee Griekse vennootschappen via een website en commerciële documentatie de La Mer plus sofa, La Mer sofa, La Mer plus lounge armchair, La Mer sunlounger, Mirante dining armchair en Penida armchair afbeelden en aanbieden. Volgens Tribù maken deze meubels inbreuk op vier ingeschreven Uniemodellen en een internationaal model dat in de Europese Unie bescherming geniet, alsmede op haar auteursrechten op de Tosca sofa, Tosca lounge chair, Tosca lounger, Amanu dining chair en Suro armchair. Tribù vordert onder meer vaststelling en staking van de modelrechtelijke en auteursrechtelijke inbreuken, oplegging van een dwangsom en verstrekking van informatie over de herkomst en verhandeling van de aangevochten meubels. Verweersters betwisten onder meer de internationale bevoegdheid van de Belgische rechter, de geldigheid en beschermingsomvang van de ingeroepen modellen, de auteursrechtelijke bescherming, de gestelde inbreuken en het procesbelang van Tribù ten aanzien van enkele inmiddels offline gehaalde meubels. Zij beroepen zich voor de La Mer sunlounger tevens op een verklaring uit 2019. In reconventie vorderen zij nietigverklaring van de modelregistraties, staking van een beweerdelijk misleidende marktpraktijk door Tribù en schadevergoeding wegens tergend en roekeloos geding.

IEF 23734

Artikel geschreven door Dirk Visser. 

AI Muziek aanbieder maakt inbreuk op auteursrecht

Artikel geschreven door Dirk Visser

Suno, de aanbieder van een AI-systeem waarmee muziek kan worden gegenereerd, maakt inbreuk op het auteursrecht van de componisten van een zestal bekende
nummers.
Dat besliste het Landgericht München op 31 juli 2026 in een zaak aangespannen door GEMA, de Duitse BumaStemra.

Het gaat om de nummers Atemlos durch die Nacht, Rasputin, Big in Japan, Forever Young, Mambo No. 5 en Daddy Cool. GEMA voerde de liedteksten van deze nummers als prompt in met een indicatie van de muziekstijl, waarna Suno nummers genereerde die erg leken op het origineel.

De Duitse rechtbank oordeelde dat Suno zowel bij het trainen van het AI-model, als bij de opslag in het AI-model en bij de output inbreuk maakt op de reproductie- en openbaarmakingsrechten van de componisten.

Bij het trainen had Suno geen ‘rechtmatige toegang’, omdat zij gebruik maakte van nummers op YouTube waarbij ‘technische voorzieningen’ werden omzeild.

In het AI-model is sprake van ‘memorisatie’, waarbij nummers worden opgeslagen op een manier die het mogelijk maakt dat dat ze er ook weer uit komen, hetgeen blijkt uit het feit dat in de output sterk gelijkende nummers terugkomen. Dit valt niet onder de Europese uitzondering voor tekst- en datamining, die in Nederland in artikel 15o Auteurswet is vastgelegd.

Het trainen van het AI-model, dat in de VS plaatsvindt, in combinatie met de memorisatie, valt volgens de Duitse rechter naar Amerikaans recht niet onder de zogenaamde ‘fair use’ uitzondering. De Duitse rechter besprak daarbij ook de tegenstrijdige uitspraken van vorig jaar in de zaken Bartz/Anthropic en Kadry/Meta, waarvan de eerste leidde tot een recent goedgekeurde schikking van 1,5 miljard dollar.

Suno kreeg een verbod opgelegd, moet informatie verschaffen en schadevergoeding betalen, maar gaat in hoger beroep. Eind vorig jaar won GEMA bij dezelfde rechtbank een vergelijkbare zaak tegen OpenAI over liedteksten. Ook in die zaak is hoger beroep ingesteld. GEMA biedt sinds kort ook een muziekdatabase aan waar tegen betaling en onder aanvullende voorwaarden wel AI-modellen op mogen worden getraind.

In Amerika procederen de muzieklabels Universal Music en Sony Music ook tegen Suno. Met Warner Music heeft Suno een schikking getroffen, maar de precieze inhoud daarvan is niet bekend. Er loopt in de VS ook een zogenaamde class action tegen Suno namens onafhankelijke artiesten. In Denemarken procedeert Koda, de Deense BumaStemra, ook tegen Suno. In die zaken is nog geen uitspraak.

De uitspraak van de Duitse rechter is ook voor Nederland en de rest van de EU van belang, omdat het auteursrecht in de EU is geharmoniseerd.

IEF 23721

Uitspraak ingezonden door Dirk Visser en Jasper Klopper, Visser Schaap & Kreijger.

Beroep op parodie-exceptie faalt bij commerciële exploitatie ABBA-parodie ‘Dikke Pens’

Rechtbank Midden-Nederland 29 jul 2026,, IEF 23721; ECLI:NL:RBMNE:2026:4647 (De Kapotte Kachels tegen Universal Music Publishing), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/beroep-op-parodie-exceptie-faalt-bij-commerciele-exploitatie-abba-parodie-dikke-pens

Rb. Midden-Nederland 29 juli 2026, IEF 23721; IT 5394; ECLI:NL:RBMNE:2026:4647 (De Kapotte Kachels tegen Universal Music Publishing). De carnavalsband De Kapotte Kachels bracht het nummer Dikke Pens (Clap Your Pens) uit, waarin de melodie van Take A Chance On Me van ABBA wordt gebruikt met een nieuwe, carnavaleske tekst. Universal Music Publishing, die namens de rechthebbenden van ABBA optreedt, liet het nummer van onder meer Spotify verwijderen wegens auteursrechtinbreuk. De Kapotte Kachels vorderen daarop onder meer verklaringen voor recht dat Dikke Pens een toegestane parodie is in de zin van artikel 18b Auteurswet.

IEF 23717

Annotatie geschreven door P.B. Hugenholtz. 

NJ-noot onder HvJEU Pelham 2 (pastiche)

[verschenen in Nederlandse Jurisprudentie 2026/188].

Noot

In deze noot bespreekt P.B. Hugenholtz het arrest Pelham II [IEF 23472], waarin het HvJEU voor het eerst uitleg geeft aan het begrip ‘pastiche’ in art. 5 lid 3 onder k InfoSoc-richtlijn. Het Hof oordeelt dat de pastichebeperking geen algemene vangnetclausule voor artistiek hergebruik vormt. Een pastiche moet een bestaand werk oproepen, daarvan merkbaar verschillen en daarmee een als zodanig herkenbare artistieke of creatieve dialoog aangaan.

Hugenholtz bespreekt de betekenis van deze uitleg voor onder meer sampling, memes en appropriation art. Ook gaat hij in op de grondrechtelijke basis van de pastichebeperking en de ruime uitleg die volgens het Hof moet worden gegeven aan beperkingen die de uitings- en kunstvrijheid waarborgen.

IEF 23700

A-G Szpunar: persuitgevers kunnen in twee hoedanigheden recht hebben op billijke compensatie

HvJ EU 16 jul 2026,, IEF 23700; ECLI:EU:C:2026:607 (AGECOP tegen VISAPRESS), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/a-g-szpunar-persuitgevers-kunnen-in-twee-hoedanigheden-recht-hebben-op-billijke-compensatie

Conclusie AG HvJ EU 16 juli 2026, IEF 23700; IEFbe 4263; ECLI:EU:C:2026:607(AGECOP/VISAPRESS). De zaak betreft de Portugese regeling voor de billijke compensatie wegens reprografische reproducties en reproducties voor privégebruik van literaire en grafische werken. Volgens deze regeling wordt de geïnde compensatie gelijkelijk verdeeld tussen organisaties die auteurs vertegenwoordigen en organisaties van uitgevers. VISAPRESS, een organisatie die persuitgevers vertegenwoordigt, stelde daarnaast aanspraak te hebben op een gedeelte van het voor auteurs bestemde aandeel. Persuitgevers zijn naar Portugees recht namelijk niet alleen houders van naburige rechten op perspublicaties, maar ook van oorspronkelijke auteursrechten op bepaalde publicaties en van afgeleide auteursrechten op artikelen die zonder naamsvermelding zijn gepubliceerd. De Portugese hoogste rechter vraagt in wezen of artikel 5, lid 2, onder a en b, van Richtlijn 2001/29, gelezen in samenhang met artikel 16, eerste alinea, van Richtlijn 2019/790, toestaat dat persuitgevers zowel in hun hoedanigheid van uitgever als in hun hoedanigheid van auteursrechthebbende aanspraak maken op billijke compensatie.

IEF 23695

Geen verplichting tot vervolgopdrachten en geen opschortingsrecht wegens gevreesde auteursrechtinbreuk

Rechtbank Amsterdam 29 jan 2018,, IEF 23695; ECLI:NL:RBAMS:2018:409 (Agendum tegen Dutchlabel), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-verplichting-tot-vervolgopdrachten-en-geen-opschortingsrecht-wegens-gevreesde-auteursrechtinbreuk

Rb. Amsterdam 29 januari 2018, IEF 23695; ECLI:NL:RBAMS:2018:409 (Agendum tegen Dutchlabel). Agendum gaf reclamebureau Dutchlabel opdracht een communicatieconcept te ontwikkelen, dat Dutchlabel presenteerde met een daarbij ontworpen logo en huisstijl. Vervolgens sloten partijen een afzonderlijke overeenkomst voor het maken van drie foto’s en het gebruik daarvan gedurende één jaar. Nadat Agendum had meegedeeld geen verdere uitwerkingen door Dutchlabel te willen laten verzorgen, weigerde Dutchlabel de reeds betaalde foto’s te leveren. Zij stelde dat Agendum verplicht was vervolgopdrachten te verstrekken of het gestelde auteursrecht op het communicatieconcept af te kopen en dat zij de levering mocht opschorten uit vrees dat Agendum het concept door een andere vormgever zou laten uitwerken. De kantonrechter verwerpt dit verweer. Gesteld noch gebleken was dat partijen bij de opdracht tot conceptontwikkeling vervolgopdrachten waren overeengekomen. Ook indien op het concept auteursrecht rustte, volgde daaruit niet dat Dutchlabel zonder uitdrukkelijke afspraak vervolgopdrachten of afkoop van dat auteursrecht kon afdwingen. Als professioneel reclamebureau had Dutchlabel Agendum bij het aangaan van de overeenkomst duidelijk moeten informeren over de door haar gestelde auteursrechtelijke beperkingen. Omdat zij dat onvoldoende had gedaan, mocht zij er niet gerechtvaardigd op vertrouwen dat Agendum zich ook tot vervolgopdrachten had verbonden.

IEF 23688

Hof Arnhem-Leeuwarden: plaatsing van volledige krantenartikelen in eigen systeem is auteursrechtinbreuk; schade in dit geval begroot op gemiste advertentie-inkomsten

Hof Arnhem-Leeuwarden 11 jul 2017,, IEF 23688; ECLI:NL:GHARL:2017:5916 ([appellant] tegen Cozzmoss), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hof-arnhem-leeuwarden-plaatsing-van-volledige-krantenartikelen-in-eigen-systeem-is-auteursrechtinbreuk-schade-in-dit-geval-begroot-op-gemiste-advertentie-inkomsten

Hof Arnhem-Leeuwarden 11 juli 2017, IEF 23688; ECLI:NL:GHARL:2017:5916 ([appellant] tegen Cozzmoss). Een onderneming nam volledige pdf-bestanden van zeven artikelen uit Trouw en de Volkskrant op in haar eigen digitale informatiesysteem en plaatste in haar eigen opiniestukken hyperlinks naar die bestanden. Het hof oordeelt dat zij de artikelen daarmee zonder toestemming heeft verveelvoudigd en openbaar gemaakt. Dat de artikelen ook op de websites van de dagbladen beschikbaar waren, maakt dit niet anders. Anders dan in Svensson werd niet gelinkt naar de door de rechthebbenden zelf gepubliceerde artikelen, maar naar eigen verveelvoudigingen, waardoor volgens het hof een nieuw publiek werd bereikt. De betwisting dat de auteursrechten bij Trouw en de Volkskrant berustten, was pas bij pleidooi aangevoerd en daarom op grond van de tweeconclusieregel te laat. Voor één artikel was evenmin impliciete toestemming verkregen. Ook het beroep op artikel 15a Aw faalt. Hoewel het integraal citeren van een werk niet principieel is uitgesloten, was de volledige opname van de artikelen hier niet proportioneel en niet functioneel noodzakelijk. Een relevant gedeelte of een samenvatting had kunnen volstaan en de gekozen wijze van publicatie deed afbreuk aan de normale exploitatie van de artikelen, waaronder het genereren van advertentie-inkomsten op de websites van de kranten. De handhaving van het auteursrecht hoefde evenmin te wijken voor artikel 10 EVRM, omdat andere manieren beschikbaar waren om de inhoud onder de aandacht te brengen en de gevorderde maatregel niet disproportioneel was.

IEF 23687

Hof Arnhem-Leeuwarden gelast mondelinge behandeling in auteursrechtelijk geschil over Excel-templates

Hof Arnhem-Leeuwarden 18 jul 2023,, IEF 23687; ECLI:NL:GHARL:2023:6124 ([appellanten] tegen [geïntimeerden]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hof-arnhem-leeuwarden-gelast-mondelinge-behandeling-in-auteursrechtelijk-geschil-over-excel-templates

Hof Arnhem-Leeuwarden 18 juli 2023, IEF 23687; ECLI:NL:GHARL:2023:6124 ([appellanten] tegen [geïntimeerde]). In het hoger beroep tegen de vonnissen van de rechtbank Gelderland van 27 oktober 2021 en 13 juli 2022 hebben appellanten principaal hoger beroep ingesteld en heeft geïntimeerde incidenteel hoger beroep ingesteld. Volgens de inhoudsindicatie betreft de zaak een gestelde auteursrechtinbreuk op negen Excel-templates. Het hof beoordeelt in dit arrest echter nog niet of de templates auteursrechtelijk beschermd zijn, of daarop inbreuk is gemaakt en evenmin of de grieven van partijen slagen. Het betreft een processueel tussenarrest waarin het hof op grond van artikel 87 Rv een mondelinge behandeling voor de meervoudige kamer bepaalt en iedere verdere beslissing aanhoudt.

IEF 23689

Rechtbank Frankfurt verduidelijkt wanneer AI-gegenereerde afbeeldingen auteursrechtinbreuk opleveren


Generatieve AI maakt het eenvoudig om bestaande foto's als uitgangspunt te nemen voor nieuwe afbeeldingen. Daarmee rijst een fundamentele vraag: wanneer levert een met AI gegenereerde afbeelding een auteursrechtelijke bewerking van de oorspronkelijke foto op? En wanneer is de afstand tot het origineel zo groot geworden dat van auteursrechtinbreuk geen sprake meer is?

Nadat het Hof Düsseldorf eerder dit jaar oordeelde dat een AI-afbeelding van een hond onder water geen inbreuk opleverde omdat alleen het onbeschermde motief was overgenomen, komt ook de Rechtbank Frankfurt tot een vergelijkbaar oordeel. In haar uitspraak van 27 mei 2026 bevestigt zij dat het gebruik van AI geen afwijkend toetsingskader vereist: doorslaggevend blijft de vraag of wel of geen beschermde creatieve trekken zijn overgenomen. Wel kan het gebruik van AI bewijsrechtelijke vragen oproepen, met name hoe kan worden aangetoond dat een beschermde afbeelding daadwerkelijk als input voor een AI-systeem is gebruikt. Daarbij wordt uitdrukkelijk niet ingegaan op de vraag of die invoering op zichzelf een auteursrechtelijk relevante handeling oplevert.

Dit is een preview. Het volledige artikel is nu beschikbaar op www.AI-Forum.nl.