Bavaria-leeuwenhose: supporters mogen naar binnen, maar grootschalige ambush marketing mag worden verboden
Hof Amsterdam 23 november 2006, IEF 23594; RB 4016; ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ3550 (Bavaria en [appellant sub 2] tegen KNVB). Het Hof Amsterdam bekrachtigt het kortgedingvonnis over de door Bavaria verspreide “leeuwenhose”, een oranje korte broek met Bavaria-logo. De KNVB had bezoekers bij de oefenwedstrijd Nederland-Kameroen verplicht hun leeuwenhose uit te trekken of af te staan voordat zij het stadion mochten betreden. Het hof gaat ervan uit dat de algemene voorwaarden van de KNVB van toepassing waren: bij massale kaartverkoop was terhandstelling redelijkerwijs niet mogelijk en de KNVB had op de toegangsbewijzen voldoende gewezen op de mogelijkheid om de voorwaarden te raadplegen. Het beroep van de bezoeker op vernietiging van die voorwaarden slaagt daarom niet. Tegelijkertijd volgt uit het arrest dat art. 5.3 van die voorwaarden, dat commercieel gebruik van toegangskaarten verbiedt, geen grond bood om bezoekers met een leeuwenhose uit het stadion te weren. De KNVB mag op grond van haar huisrecht wel huisregels stellen, maar kon zich in dit geval niet beroepen op niet vooraf bekendgemaakte huisregels. Omdat de KNVB bovendien had verklaard bezoekers in beginsel niet meer te zullen weigeren enkel omdat zij een leeuwenhose dragen, wijst het hof de bredere toekomstige vordering van de bezoeker en Bavaria tegen de KNVB af.
Van Palestina-berichtgeving tot deepfakes: terugblik op het seminar Uitingsvrijheid
Berichtgeving rondom Palestina en Israël of nieuwsberichten over Trump: hebben de NOS, de Telegraaf en de Volkskrant speciaal beleid voor controversiële berichtgeving?
Onder andere deze vraag beantwoordden we afgelopen donderdag tijdens het seminar Uitingsvrijheid. We spraken met hoofdredacteuren Giselle van Cann, Kamran Ullah en Pieter Klok.
Ondanks hun verschillende doelgroepen bleek dat de NOS, De Telegraaf en de Volkskrant allemaal richtlijnen hebben voor de woorden die ze gebruiken en de berichten die ze publiceren. Hoe ze daarmee omgaan, kwam uitgebreid aan bod tijdens het seminar.
Dankzij Lotte Oranje en Jens van den Brink zijn we weer helemaal up to date met de ontwikkelingen binnen Uitingsvrijheid. We bespraken onder andere hoe ver politieke satire mag gaan. Al blijft de vraag tot hoever het publiek kan zien dat sprake is van satire, vooral nu deepfakes een opmars maken.
We hebben het namelijk ook uitgebreid gehad over deepfakes en de Grok-uitspraak. Die ging over de uitkleedfunctie op X, waarmee AI iemand digitaal kon uitkleden. Lukt dit zelfs bij een foto van Christiaan Alberdingk Thijm Alberdingk Thijm...?
Tijdens de presentatie met Minke Gommers liet Alberdingk Thijm zien dat de uitkleed-functie op dit moment niet meer werkt.
De ontwikkelingen rond deepfakes gaan snel. Waar een deepfake enkele jaren geleden nog goed te herkennen was, is het onderscheid met echt beeld steeds moeilijker te maken.
Meer weten over deepfakes en het wetsvoorstel dat hierover in de pijplijn zit? Kom dan donderdag 4 juni naar het IE Zomerforum waar onder andere Dirk Visser en Bernt Hugenholtz discussiëren over dit onderwerp. U meldt zich aan via deze link.
We willen alle deelnemers en sprekers hartelijk bedanken voor hun aanwezigheid. Speciale dank naar Jens van den Brink en Christiaan Alberdingk Thijm als dagvoorzitters.
Achthoekige kartonnen verpakking nietig wegens technische vorm
Gerecht EU 3 juni 2026, IEF 23592; ECLI:EU:T:2026:365 (Lami Packaging (Kunshan) Co. Ltd tegen EUIPO en Tetra Laval Holdings & Finance SA). Het Gerecht vernietigt de beslissing van de kamer van beroep van het EUIPO over het driedimensionale Uniemerk van Tetra Laval voor de vorm van een achthoekige kartonnen verpakking voor verpakkingscontainers en verpakkingsmateriaal van papier of met plastic bedekt papier. Omdat de merkaanvraag in 2000 was ingediend, toetst het Gerecht materieel aan Verordening 40/94. Lami Packaging had nietigverklaring gevorderd op grond van art. 51 lid 1 onder a jo. art. 7 lid 1 onder e, ii, omdat het teken uitsluitend zou bestaan uit de vorm van de waar die noodzakelijk is om een technische uitkomst te verkrijgen. De kamer van beroep had die grond afgewezen, omdat de technische voordelen volgens haar alleen zagen op het fabricageproces en niet op het gebruik van de verpakking. Het Gerecht bevestigt dat art. 7 lid 1 onder e, ii ziet op technische uitkomsten bij het gebruik van de waar en niet op de enkele wijze van vervaardiging, maar oordeelt dat de kamer van beroep die maatstaf verkeerd heeft toegepast.
Geen merkinbreuk door enkel aanbieden van ICE-gerelateerd IE-portfolio
Rb. Den Haag 21 mei 2026, IEF 23591; ECLI:NL:RBDHA:2026:12616 (IEH tegen GEM c.s.). De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag wijst in kort geding de vorderingen van Intercontinental Exchange Holdings af tegen GEM c.s. over het gebruik van ICE-gerelateerde tekens. IEH is houdster van Uniewoordmerken ICE voor onder meer financiële diensten, cryptovaluta, digitale tokens en online marktplaatsdiensten. Zij stelde dat GEM c.s. inbreuk maakte op deze merken door tekens als ICE, ICE Crypto, ICE Carbon en verschillende ICE-domeinnamen te gebruiken voor cryptomunten, handelsplatformdiensten en als handelsnaam. De rechtbank acht zich bevoegd voor de gehele Europese Unie, omdat IEH via Nederlandse dochtervennootschappen een vestiging in Nederland heeft in de zin van de UMVo. Ook is er spoedeisend belang, omdat GEM c.s. haar IE-portfolio actief te koop aanbiedt en naar buiten heeft aangekondigd strategische partners of investeerders te zoeken.
Nederlands Octrooicongres op dinsdag 9 juni 2026: Handhavingsrichtlijn (G1/25) over de aanpassing van de beschrijving
Op dinsdag 9 juni organiseren we het Nederlands Octrooicongres. Tijdens dit congres praten dagvoorzitters Peter Blok en Gertjan Kuipers u bij over de ontwikkelingen van het octrooirecht.
Ook gaan we in op de doorverwijzing naar de Grote Kamer van Beroep van zaak G 1/25 (Hydroponics, Knauf vs Rockwool) inzake de aanpassing van de beschrijving. Hierover geeft Eva van Wanrooij (Johnson & Johnson) een presentatie. De relevant juridische achtergrond, de gerelateerde zaak G1/24 en de verschillende standpunten worden doorgenomen. Er is ruimte om standputen vanuit de zaal naar voren te brengen.
Namaakshirts en valse WK-bekers in Toronto: merkinbreuk in de slipstream van het WK
Naar aanleiding van het WK organiseren wij een WK-evenement over privacy, licenties en marketing rond grote sporttoernooien. Inschrijven kan via deze link.
Kort voor de start van het WK voetbal heeft de politie in Toronto een omvangrijke partij vermoedelijk vervalste voetbalmerchandise in beslag genomen. In een opslagruimte in Mississauga, nabij Toronto, werden volgens de politie meer dan 16.000 namaakartikelen aangetroffen, waaronder voetbalshirts, petten en vlaggen met aanduidingen van onder meer FIFA, Nike, Adidas en Puma. Ook werden twee nagemaakte FIFA World Cup-trofeeën gevonden. De geschatte straatwaarde van de partij bedraagt ruim 3,5 miljoen Canadese dollar.[1]
De zaak past in een bekend patroon. Grote sportevenementen zorgen voor een plotselinge stijging in de vraag naar officiële fanartikelen. Die commerciële aantrekkingskracht maakt merken, logo’s, teamuitingen en evenementaanduidingen kwetsbaar voor namaak. Bij vervalste voetbalshirts gaat het daarom niet alleen om goedkope alternatieven voor supporters, maar ook om aantasting van merkrechten, licentie-inkomsten en de exclusieve exploitatie van officiële sportmerchandise.
Nederlands Octrooicongres op dinsdag 9 juni 2026: de Emotional Perception-zaak
Op dinsdag 9 juni organiseren we het Nederlands Octrooicongres. Tijdens dit congres praten dagvoorzitters Peter Blok en Gertjan Kuipers u bij over de ontwikkelingen van het octrooirecht.
Zo bespreken we onder andere de Emotional Perception-zaak. Erik Visscher (De Vries en Metman) geeft een presentatie over de uitspraak van het Britse Supreme Court. Daarin staat de vraag centraal of een artificial neural network (ANN) moet worden aangemerkt als een “computerprogramma” in de zin van artikel 1(2)(c) van de Patents Act 1977 en artikel 52(2) van het Europees Octrooiverdrag (EPC). Daarnaast bepaalt het Hof welke beoordelingsmethode moet worden toegepast bij computer-geïmplementeerde uitvindingen.
Het arrest is van belang voor de beoordeling van software- en AI-gerelateerde uitvindingen onder het Britse octrooirecht. Het Supreme Court spreekt zich voor het eerst expliciet uit over de positie van artificial neural networks binnen het octrooirecht en wijzigt daarbij de toets die in het Verenigd Koninkrijk bijna twintig jaar werd toegepast bij computer-geïmplementeerde uitvindingen.
Ook bespreekt hij hoe het octrooirecht AI definieert en hoe rechters en octrooiverlenende instanties omgaan met AI-gerelateerde uitvindingen.
Het Supreme Court komt tot twee belangrijke conclusies.
Ten eerste bevestigt het Hof dat een artificial neural network kan worden aangemerkt als een computerprogramma. Volgens het Hof is een ANN een model dat numerieke input verwerkt door middel van wiskundige operaties, zoals het toepassen van gewichten, biases en activatiefuncties. Daarmee bepaalt het model hoe een computer gegevens verwerkt. Dat de parameters van het model voortkomen uit een trainingsproces in plaats van expliciete programmeerinstructies, maakt volgens het Hof geen verschil.
Ten tweede oordeelt het Supreme Court dat de in Aerotel ontwikkelde benadering niet goed aansluit bij de uitleg van artikel 52 EPC in de rechtspraak van het Europees Octrooibureau. Het Hof sluit daarom aan bij de benadering van het Europees Octrooibureau en benadrukt het belang van een uniforme uitleg van het Europees Octrooiverdrag.
Volgens deze benadering wordt eerst vastgesteld of de claim een uitvinding vormt in de zin van artikel 52 EPC. Vervolgens wordt bepaald welke kenmerken bijdragen aan het technische karakter van de uitvinding. Alleen deze kenmerken worden daarna betrokken bij de beoordeling van nieuwheid en inventiviteit.
VIEPA programma VRO
Op donderdag 25 juni 2026 van 15:45-18:00 uur organiseert de VIEPA een themabijeenkomst over het VRO-reglement. Dit procesreglement voor octrooizaken is in 2023 in werking getreden. De Rechtbank Den Haag wenst dat procesreglement tegen het licht te houden en heeft o.a. de VIEPA - als door de Orde geaccrediteerde specialisatievereniging - gevraagd om input daarover. Op 25 juni wordt daarom een bijeenkomst georganiseerd waarbij advocaten en de rechtbank hierover van gedachten kunnen wisselen. Voorafgaand aan de bijeenkomst zal nog een enquête worden gehouden om bij de octrooibalie te peilen wat de ervaringen tot nu toe zijn en wat evt. verbeterpunten, knelpunten en wensen zijn.
Programma
15:45 Ontvangst en welkom – mr. A.M. van Aerde (NautaDutilh)
16:00 Ervaringen octrooibalie met VRO-reglement: uitkomsten enquête – mr. dr. Alexander Tsoutsanis (DLA Piper)
16:30 Ervaringen van de rechtbank en gedachten voor de toekomst - mr. Hugo van Heemstra & Hans van Walderveen (rechtbank Den Haag)
17:00 Paneldiscussie met sprekers voornoemd, mrs. Bas Berghuis van Woortman (Taylor Wessing), Mark van Gardingen (Brinkhof) en Judith Krens (Pinsent Masons)
17:45 Tussenbalans: hoe verder?
18:00 Borrel
Locatie: DLA Piper – Amsterdam (Prinses Amaliaplein 3)
Toegang: gratis, ook niet-leden zijn welkom
Aanmelden: info@viepa.nl
PO-punten: na afloop ontvangt u een bewijs van deelname, mits u bij aanvang en vertrek de deelnemerslijst tekent.
Terugblik op de terugkomdag van de mr. S.K. Martens Academie
Donderdag 21 mei kwamen de huidige lichting en de Martianen van voorgaande lichtingen samen om zich te verdiepen in de impact van AI op de juridische praktijk.
Jorn Torenbosch begon met de input-kant van AI. Hij legde uit hoe Gen AI getraind wordt en ging in op auteursrechtelijke bescherming van materiaal dat daarvoor gebruikt wordt.
Daarna deelde Joep Meddens zijn inzichten over de output kant. Hij ging daarbij in op het auteursrecht, maar keek ook naar de impact van AI op modellenrecht, naburige rechten, slaafse nabootsing en het octrooi.
Na deze interessante presentaties, was het natuurlijk tijd om te netwerken onder het genot van een borrel. De oud-Martianen vonden het leuk om de mensen uit hun lichting weer te zien en kennis te maken met de huidige lichting. Aan het einde van de borrel is er zelfs wat piano gespeeld.
Wil je hier de volgende keer ook bij zijn? In november gaat de volgende lichting van de Mr. S.K. Martens Academie van start. Kijk voor meer informatie op deze link of stuur ons een e-mail op info@delex.nl.
We willen in ieder geval onze hoofddocenten Marijn Kingma, Peter Teunissen en Jorn Torenbosch, en spreker Joep Meddens, bedanken voor hun aanwezigheid.
Stellantis-dealers en reparateurs kwalificeren volgens de A-G niet als franchisenemers
Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2026, IEF 23585; ECLI:NL:PHR:2026:506 (VODN c.s. tegen Stellantis). In deze conclusie gaat het om de vraag of oude dealer- en reparateurovereenkomsten met Stellantis franchiseovereenkomsten zijn. VODN en VGPCN treden op voor voormalige Opel-, Peugeot-, Citroën- en DS-dealers en reparateurs. Zij willen dat wordt vastgesteld dat deze contracten onder de Wet franchise vallen. De rechtbank wees dat af. Volgens de rechtbank was niet duidelijk dat de betalingen of voordelen voor Stellantis een vergoeding waren voor het recht om een franchiseformule te gebruiken. Het hof wees de vordering ook af, maar om een andere reden. Volgens het hof was niet genoeg gesteld om aan te nemen dat alle betrokken dealers en reparateurs een Stellantis-formule moesten exploiteren. Voor franchise is meer nodig dan het verkopen of repareren van producten van een bepaald merk. Er moet sprake zijn van een formule die bepalend is voor een uniforme identiteit en uitstraling van de ondernemingen. Ook moet de formule onder meer bestaan uit een merk, handelsnaam, huisstijl of tekening én uit geheime, wezenlijke en geïdentificeerde knowhow. De A-G sluit daarbij aan. Voor de kwalificatie is niet de naam van het contract beslissend, maar de inhoud van de rechtsverhouding.


























































































