28 aug 2026,
SuperLink-kettingen maken inbreuk op Uniemodellen Avient; techniekexceptie faalt
Rb. Den Haag, 28 augustus 2026, IEF 23778; ECLI:NL:RBDHA:2026:24327 (Avient tegen Port Star). In deze zaak vordert Avient in kort geding een verbod op de verhandeling van de SuperLink-kettingen van Port Star wegens inbreuk op twee ingeschreven Uniemodellen voor haar kunststofkettingen, het Kettingmodel en het Schalmmodel. Avient brengt onder het merk Dyneema kunststofkettingen op de markt voor onder meer de scheepvaart. Port Star was distributeur van de Dyneema-ketting en produceert en verkoopt inmiddels eigen kunststofkettingen onder de naam SuperLink. Zij biedt deze aan op de Europese markt en presenteerde de kettingen in juni 2026 op de beurs Breakbulk Europe in Rotterdam. Volgens Avient heeft Port Star de vormgevingskenmerken van haar modellen vrijwel volledig overgenomen. Port Star betwist de geldigheid van de modelrechten en beroept zich op de techniekexceptie van art. 9 lid 1 UModVo. Volgens haar worden de beschermde uiterlijke kenmerken uitsluitend bepaald door de technische functie van de ketting. Subsidiair baseert Avient haar vorderingen op slaafse nabootsing.
De voorzieningenrechter verwerpt het beroep op de techniekexceptie. Een uiterlijk kenmerk valt alleen buiten modelbescherming als de technische functie de enige factor is die de keuze voor dat kenmerk heeft bepaald. Voorshands blijkt dat bij de vormgeving van de modellen naast technische ook visuele overwegingen een rol speelden. Avient heeft bovendien onweersproken gewezen op alternatieve vormgevingen waarmee dezelfde technische functie kan worden bereikt, terwijl Port Star de nieuwheid en het eigen karakter van de modellen niet heeft bestreden. De modellen moeten daarom voorlopig als geldig worden beschouwd. De SuperLink-ketting maakt daarop inbreuk. De textiele, gelaagde structuur, de strakke capsuleachtige vorm van de schalmen, de wijze waarop de schalmen aan elkaar zijn bevestigd en de draaiing zijn vrijwel identiek overgenomen. Verschillen in het stikselpatroon en de hoek van de draaiing zijn volgens de voorzieningenrechter ondergeschikt en leiden bij de geïnformeerde gebruiker niet tot een andere algemene indruk. Port Star moet daarom iedere inbreuk op de Uniemodellen in de Europese Unie staken en binnen dertig dagen informatie geven over onder meer de herkomst, distributiekanalen en aantallen inbreukmakende kettingen. Aan de bevelen verbindt de rechtbank een dwangsom van € 10.000 per dag of, naar keuze van Avient, € 1.000 per in strijd met het verbod verkocht product, tot maximaal € 250.000. Aan de subsidiaire grondslag van slaafse nabootsing komt de voorzieningenrechter niet toe. De gevorderde recall en vernietiging wijst hij af, omdat Port Star onweersproken heeft gesteld geen SuperLink-kettingen aan klanten in de Europese Unie te hebben verkocht en Avient daarom onvoldoende spoedeisend belang bij die maatregelen heeft. Port Star moet € 19.049,57 aan proceskosten betalen.
5.13. Anders dan Port Star aanvoert, blijkt uit de verklaring van [naam] voldoende concreet dat bij het ontwerp aandacht is besteed aan de vormgeving zodat naar voorlopig oordeel aangenomen wordt dat ook andere overwegingen dan louter functionele, namelijk ook die met betrekking tot het visuele aspect, een rol hebben gespeeld bij de keuze van de uiterlijke kenmerken van de Modellen. Hieraan kan niet afdoen dat uit de door Port Star aangehaalde octrooiaanvragen blijkt dat het gebruik van meerdere lagen bij een schalm of ketting leiden tot een schalm of ketting die sterker is dan een schalm of ketting die is gevormd uit een enkele laag. Hetzelfde geldt voor het gebruik in WO 206 van een draaiing van 180º waardoor de verschillende lagen zich gunstiger gedragen wanneer er kracht op de lus komt. Dat de Modellen een technische functie vervullen en dat de vormgeving daarvan mede door die functie wordt verklaard, staat er niet aan in de weg dat bij het ontwerpen keuzes zijn gemaakt die niet uitsluitend door die functie zijn gedicteerd. Alleen als de technische functie de enige factor is die bepalend is voor de vormgeving, kan een beroep op de techniekexceptie slagen. Dat is een hoge drempel die door Port Star niet wordt gehaald.
5.14. Daarbij weegt enerzijds mee dat Avient, onder verwijzing naar het als productie EP16 overgelegde (AI) overzicht van alternatief denkbare kettingen van synthetisch materiaal, onbetwist heeft gesteld dat producten met dezelfde technische functie op uiteenlopende wijze kunnen worden vormgegeven. Anderzijds laat de omstandigheid dat Port Star de nieuwheid en het eigen karakter van de Modellen niet heeft bestreden, zich tegelijk moeilijk verenigen met haar stelling dat de beschermde uiterlijke kenmerken daarvan uitsluitend en zonder enige ontwerpkeuze door de techniek zijn bepaald.