Gepubliceerd op woensdag 27 maart 2019
IEF 18338
Kantonrechter ||
20 feb 2019
Kantonrechter 20 feb 2019, IEF 18338; ECLI:NL:RBMNE:2019:630 (auteursrecht na affectieve relatie), https://ie-forum.nl/artikelen/weglaten-naam-auteur-is-voldoende-reden-tot-intrekking-toestemming

Weglaten naam auteur is voldoende reden tot intrekking toestemming

Ktr. Rechtbank Midden Nederland 20 februari 2019, IEF 18338; ECLI:NL:RBMNE:2019:630 (auteursrecht na affectieve relatie) Auteursrecht. Eiseres is fotograaf en verkoopt haar foto’s via haar website. Gedaagde heeft een eenmanszaak gericht op de verzorging van paarden. Daarnaast houdt Gedaagde zich bezig met het bestrijden van dierenleed en met de staat van een bepaald landschap. Partijen hebben een affectieve relatie gehad en gedurende deze relatie samen foto’s en een tekening samen gemaakt en op internet geplaatst. Na het beëindigen van de relatie heeft gedaagde deze beeltenissen online gehouden, maar de naam van eiseres verwijderd. Vast staat dat eiseres aanvankelijk toestemming heeft gegeven voor het gebruik van de foto’s maar deze later heeft ingetrokken. Het intrekken van deze toestemming levert geen misbruik van bevoegdheid op. Wat betreft de tekening: aangenomen moet worden dat zowel gedaagde als eiseres hierop auteursrechten hebben, waardoor gedaagde onrechtmatig handelt door de naam van eiseres weg te laten. Er is geen grond om een algeheel gebruiksverbod van het werk van eiseres op te leggen aan gedaagde. Schadevergoeding zoals licentievergoeding: € 225,00 per jaar, met opslag van 25% te hanteren als vergoeding voor geleden schade vanwege misgelopen naamsbekendheid. De totale schadevergoeding bedraagt dus € 843,75 (3 x € 281,25).

4.3. Vervolgens is de vraag of het intrekken van de toestemming door [eiseres] in het onderhavige geval misbruik van bevoegdheid aan haar zijde oplevert. [gedaagde] heeft in dat verband aangevoerd dat de auteursrechtinbreuk beperkt was en eenvoudig te herstellen, terwijl de foto’s van substantieel belang zijn voor hem en zijn werkzaamheden. [gedaagde] heeft er verder op gewezen dat de auteursrechtinbreuk niet moedwillig heeft plaatsgevonden. Deze omstandigheden leiden echter niet tot het oordeel dat sprake is van misbruik van bevoegdheid door [eiseres] . Immers, [gedaagde] heeft met de publicatie van de foto’s zonder naamsvermelding van [eiseres] als auteur de voorwaarde waaronder de toestemming aan hem was verleend geschonden. Daarnaast heeft [eiseres] onvoldoende weersproken gesteld dat zij de verleende toestemming pas heeft ingetrokken, nadat [gedaagde] op het ontbreken van haar naamsvermelding was gewezen en dit niet tot blijvend herstel van de afgesproken situatie heeft geleid. Daar komt nog bij dat [eiseres] voldoende heeft gesteld dat [gedaagde] de foto’s heeft verminkt door de uitsnede en de resolutie daarvan te veranderen. Of [gedaagde] de inbreuk op het auteursrecht al dan niet bewust heeft gepleegd, is voor dit oordeel niet van belang. Het onbewust schenden van een auteursrecht komt namelijk voor rekening en risico van de inbreukmaker. [eiseres] kon onder deze omstandigheden haar toestemming aan [gedaagde] om de foto’s te gebruiken dan ook intrekken.

4.5. Voor wat betreft de tekening heeft [gedaagde] betwist dat de samenwerking tussen partijen maakt dat [eiseres] als medeauteursrechthebbende moet worden beschouwd. Kort gezegd heeft hij hiertoe aangevoerd dat [eiseres] onder zijn leiding en toezicht heeft gewerkt, zodat het auteursrecht op de tekening enkel bij hem rust. [eiseres] heeft die stelling weersproken en zij heeft bovendien erop gewezen dat een dergelijke lezing niet strookt met het gegeven dat de eerste openbaarmaking van de tekening met vermelding van haar als medeauteur heeft plaatsgevonden. [gedaagde] heeft zijn verweer vervolgens onvoldoende nader onderbouwd, zodat de kantonrechter ervan uitgaat dat het auteursrecht op de tekening mede aan [eiseres] toekomt. Door de tekening zonder naamsvermelding van [eiseres] als medeauteursrechthebbende openbaar te maken, handelt [gedaagde] daarom onrechtmatig jegens [eiseres] . De in 3.1. onder II genoemde vordering zal dan ook worden toegewezen.

4.10. De kantonrechter gaat met deze schadebegroting niet mee in de vordering van [eiseres] . Zij heeft haar schade begroot op 300% van de gederfde licentievergoeding van € 225,00. Dat baseert zij op de algemene voorwaarden van de Nederlandse Fotografenfederatie. Deze algemene voorwaarden zijn in dit geval echter niet overeengekomen en dus niet van toepassing.

 

afbeelding via Pixabay: https://pixabay.com/nl/photos/boord-hart-spelen-over-liefde-uit-1820678/