IEF 23704
21 juli 2026
Uitspraak

WIPO wijst klacht over nexperia-semi.com af wegens complex concernconflict

 
IEF 23703
21 juli 2026
Artikel

Aanmelden voor de Mr. S.K. Martens Academie

 
IEF 23701
21 juli 2026
Uitspraak

Gerecht: te late onderbouwing verzoek tot nietigverklaring TEAM blijft buiten beschouwing

 
IEF 23704

WIPO wijst klacht over nexperia-semi.com af wegens complex concernconflict

WIPO 24 jun 2026,, IEF 23704; (Nexperia B.V. tegen Nexperia (Shanghai) Ltd), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/wipo-wijst-klacht-over-nexperia-semi-com-af-wegens-complex-concernconflict

WIPO 24 juni 2026, IEF 23704; D2026-1518 (Nexperia B.V. tegen Nexperia (Shanghai) Ltd). Nexperia B.V. is een Nederlandse producent van halfgeleiders en houder van verschillende merkregistraties voor NEXPERIA en het NEXPERIA-logo. Nexperia (Shanghai) Ltd is haar volledige Chinese dochtervennootschap. Nadat Amerikaanse en Chinese exportbeperkingen worden ingevoerd en de Nederlandse overheid en de Ondernemingskamer maatregelen treffen ten aanzien van het bestuur en de zeggenschap binnen de Nexperia-groep, ontstaat een conflict tussen Nexperia B.V. en haar Chinese groepsvennootschappen. Nexperia (Shanghai) Ltd registreert op 24 oktober 2025 de domeinnaam <nexperia-semi.com>. De domeinnaam verwijst niet naar een actieve website, maar wordt gebruikt voor e-mailadressen en als contactadres op de aan Nexperia China verbonden webshop <nexperiastore.cn>. Nexperia B.V. verzoekt op grond van de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy (UDRP) om overdracht van de domeinnaam. Zij stelt dat de domeinnaam verwarringwekkend overeenstemt met haar NEXPERIA-merken, dat Nexperia (Shanghai) Ltd geen rechten of legitieme belangen bij de domeinnaam heeft en dat de domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd en wordt gebruikt om zich als Nexperia B.V. voor te doen en klanten voor commercieel gewin af te leiden. Nexperia (Shanghai) Ltd voert aan dat sprake is van een intern concernconflict en niet van een gebruikelijk geval van cybersquatting. Volgens haar vloeit het gebruik van NEXPERIA voort uit bestaande afspraken binnen de groep en is de domeinnaam nodig om haar bedrijfsactiviteiten na het uitbreken van het concernconflict voort te zetten, mede omdat zij geen toegang meer heeft tot bepaalde bedrijfssystemen. Zij stelt dat zij zichzelf in haar communicatie voldoende kenbaar maakt en niet de bedoeling heeft het publiek te misleiden.

IEF 23703

Aanmelden voor de Mr. S.K. Martens Academie

Belangstellenden kunnen zich nu aanmelden voor de volgende editie van de Mr. S.K. Martens Academie. Deze officiële specialisatieopleiding intellectueel eigendoms- en procesrecht is bedoeld voor advocaten, rechters en (bedrijfs)juristen die hun juridische kennis en praktische vaardigheden verder willen verdiepen. De opleiding bestaat uit acht masterclasses en vier live online sessies en start naar waarschijnlijkheid in het najaar 2026.

De nadruk ligt op de praktische bescherming en handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Deelnemers werken in kleine groepen met actuele jurisprudentie, recente praktijkvoorbeelden en concrete businesscases. Ook de invloed van AI op de rechtspraktijk maakt deel uit van het programma. De hoofddocenten zijn Marijn Kingma, Peter Teunissen en Jorn Torenbosch.

Na succesvolle afronding van het mondelinge examen ontvangen deelnemers een certificaat in het intellectueel eigendoms- en procesrecht. De opleiding levert 54 tot 60 PO-punten op. Daarnaast krijgen deelnemers toegang tot het alumninetwerk en gedurende één jaar kosteloos toegang tot verschillende IE-publicaties en databanken van deLex, zoals AI-Forum, Auteursrecht, BMM Bulletin, Berichten Industriële Eigendom en Mediaforum. 

Aanmelden of een offerte op maat aanvragen kan via info@delex.nl

IEF 23701

Gerecht: te late onderbouwing verzoek tot nietigverklaring TEAM blijft buiten beschouwing

Gerecht EU (voorheen GvEA) 16 jul 2026,, IEF 23701; ECLI:EU:T:2026:477 (Team Beverage tegen EUIPO en Zurich Deutscher Herold Lebensversicherung)), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/gerecht-te-late-onderbouwing-verzoek-tot-nietigverklaring-team-blijft-buiten-beschouwing

Gerecht EU 16 juli 2026, IEF 23701; IEFbe 4264; ECLI:EU:T:2026:477 (Team Beverage tegen EUIPO en Zurich Deutscher Herold Lebensversicherung). Team Beverage verzoekt het EUIPO om nietigverklaring van het Uniewoordmerk TEAM, dat is ingeschreven voor verzekeringsdiensten in klasse 36. Zij beroept zich op artikel 59 lid 1 onder a, gelezen in samenhang met artikel 7 lid 1 onder b en c, UMVo, maar vermeldt bij de indiening dat de onderbouwing nog zal volgen. Het verzoek is ontvankelijk, omdat de feiten, argumenten en bewijzen niet noodzakelijk al bij de indiening hoeven te worden overgelegd. Het EUIPO informeert Team Beverage echter dat de merkhouder tot 15 juli 2024 opmerkingen kan indienen en dat bij het uitblijven daarvan de contradictoire fase wordt gesloten en op basis van de beschikbare stukken wordt beslist. Nadat de merkhouder niet reageert, sluit het EUIPO die fase op 22 juli 2024. De pas op 16 augustus 2024 ingediende memorie met argumenten en bijlagen wordt daarom niet in aanmerking genomen. De nietigheidsafdeling wijst het verzoek vervolgens als ongegrond af wegens het ontbreken van tijdig ingediende feiten, argumenten en bewijzen. De Kamer van Beroep bevestigt deze beslissing.

IEF 23702

Uitspraak ingezonden door Jordi Bierens, Pels Rijcken

Verboden rond CBR-examenritten en persoonsgegevens van medewerkers uitvoerbaar bij lijfsdwang

Rechtbank Gelderland 16 jul 2026,, IEF 23702; ECLI:NL:RBGEL:2026:5730 (CBR tegen [gedaagde]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/verboden-rond-cbr-examenritten-en-persoonsgegevens-van-medewerkers-uitvoerbaar-bij-lijfsdwang

Rb. Gelderland 16 juli 2026, IEF 23702; IT 5363; ECLI:NL:RBGEL:2026:5730 (CBR tegen [gedaagde]). In dit kort geding wijst de voorzieningenrechter de vorderingen van het CBR tegen [gedaagde] grotendeels toe en verklaart hij verschillende geboden en verboden uitvoerbaar bij lijfsdwang. [Gedaagde] dient voorafgaand aan de mondelinge behandeling stukken in, maar verschijnt niet op de zitting. De voorzieningenrechter verleent daarom verstek en slaat geen acht op de ingediende stukken. Op grond van art. 139 Rv worden vorderingen bij verstek toegewezen, tenzij zij de voorzieningenrechter onrechtmatig of ongegrond voorkomen. Omdat lijfsdwang een ingrijpende maatregel is, motiveert de voorzieningenrechter zijn beslissing uitgebreider dan bij verstek gebruikelijk is. Het CBR maakt voldoende aannemelijk dat [gedaagde] twee eerdere vonnissen uit 2023 niet naleeft, dat de daarin opgelegde dwangsommen niet inbaar zijn en dat hij door gemeenten opgelegde gebiedsverboden niet volledig naleeft. Ook blijft [gedaagde] structureel en veelvuldig examenauto’s volgen en houdt hij zich op bij of in de directe omgeving van CBR-locaties.

IEF 23700

A-G Szpunar: persuitgevers kunnen in twee hoedanigheden recht hebben op billijke compensatie

HvJ EU 16 jul 2026,, IEF 23700; ECLI:EU:C:2026:607 (AGECOP tegen VISAPRESS), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/a-g-szpunar-persuitgevers-kunnen-in-twee-hoedanigheden-recht-hebben-op-billijke-compensatie

Conclusie AG HvJ EU 16 juli 2026, IEF 23700; IEFbe 4263; ECLI:EU:C:2026:607(AGECOP/VISAPRESS). De zaak betreft de Portugese regeling voor de billijke compensatie wegens reprografische reproducties en reproducties voor privégebruik van literaire en grafische werken. Volgens deze regeling wordt de geïnde compensatie gelijkelijk verdeeld tussen organisaties die auteurs vertegenwoordigen en organisaties van uitgevers. VISAPRESS, een organisatie die persuitgevers vertegenwoordigt, stelde daarnaast aanspraak te hebben op een gedeelte van het voor auteurs bestemde aandeel. Persuitgevers zijn naar Portugees recht namelijk niet alleen houders van naburige rechten op perspublicaties, maar ook van oorspronkelijke auteursrechten op bepaalde publicaties en van afgeleide auteursrechten op artikelen die zonder naamsvermelding zijn gepubliceerd. De Portugese hoogste rechter vraagt in wezen of artikel 5, lid 2, onder a en b, van Richtlijn 2001/29, gelezen in samenhang met artikel 16, eerste alinea, van Richtlijn 2019/790, toestaat dat persuitgevers zowel in hun hoedanigheid van uitgever als in hun hoedanigheid van auteursrechthebbende aanspraak maken op billijke compensatie.

IEF 23699

Geen aanspraak op overdracht octrooi voor rotatiegietmachine

Rechtbank Den Haag 1 jul 2026,, IEF 23699; ECLI:NL:RBDHA:2026:18188 (Dutchfiets c.s. tegen [gedaagden] c.s.), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-aanspraak-op-overdracht-octrooi-voor-rotatiegietmachine

Rb. Den Haag 1 juli 2026, IEF 23699; ECLI:NL:RBDHA:2026:18188 (Dutchfiets c.s. tegen [gedaagden] c.s.). Dutchfiets ontwikkelt en produceert circulaire kunststof fietsen. In 2023 verkreeg Igus 80% van de aandelen in Dutchfiets. In een afzonderlijke IP-overeenkomst maakten Igus, Dutchfiets, de oprichters van Dutchfiets en hun holdingvennootschappen afspraken over de verdeling van de intellectuele-eigendomsrechten binnen hun samenwerking. Enkele maanden later vroeg een van de holdingvennootschappen een Nederlands octrooi aan voor een rotatiegietmachine en een methode voor het gieten van objecten. Dit octrooi werd in 2025 verleend. Na het einde van de samenwerking vorderden Dutchfiets en Igus onder meer kosteloze overdracht van het octrooi, afgifte van prototypes van de rotatiegietmachine en afgifte van gegevens over de ontwikkeling, productie en exploitatie daarvan. Zij stelden dat Dutchfiets de oorspronkelijke machine had ontwikkeld en dat de latere machine daarop een doorontwikkeling vormde. Ook zouden de daarop rustende IE-rechten op grond van de IP-overeenkomst aan Dutchfiets of Igus zijn overgedragen. Voor de opeising van het octrooi beriepen zij zich subsidiair op artikel 78 ROW, in samenhang met de artikelen 11 en 12 ROW. De prototypes werden mede opgeëist op grond van artikel 5:2 BW en artikel 70 lid 7 ROW.

IEF 23698

Disosa toont niet aan dat zij op eigen naam mag procederen over Louis Vuitton-merken

Antilliaanse Gerechten 14 jul 2026,, IEF 23698; ECLI:NL:OGEAM:2026:90 (Disosa tegen Vegas), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/disosa-toont-niet-aan-dat-zij-op-eigen-naam-mag-procederen-over-louis-vuitton-merken

Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten 14 juli 2026, IEF 23689; ECLI:NL:OGEAM:2026:90 (Disosa tegen Vegas). Corlac Games exploiteert onder de naam Vegas een casino op Sint Maarten. In het casino waren op muren en wanddecoraties tekens aangebracht die gelijk waren aan verschillende op Sint Maarten geregistreerde beeldmerken en woord-beeldmerken van Louis Vuitton. Ook droeg het personeel bedrijfskleding waarop Louis Vuitton-tekens zichtbaar waren. Louis Vuitton had voor dit gebruik geen toestemming verleend. Disosa stelde dat sprake was van merkinbreuk en vorderde in kort geding onder meer staking van het gebruik, verwijdering of vernietiging van de betrokken materialen, plaatsing van een rectificatie, verstrekking van informatie over de herkomst van de wanddecoratie en oplegging van dwangsommen. Het Gerecht nam een spoedeisend belang aan, omdat de vorderingen waren gericht op het beëindigen van een gestelde merkinbreuk waaruit schade kon voortvloeien.

IEF 23697

SAVE THE DATE: Jong IE-borrel op donderdag 15 oktober

Ha mede Jong IE’ers,

Het is weer tijd voor een borrel zónder juridische opschepperij cq. fijnslijperij! Zet donderdag 15 oktober dus alvast groot in de agenda.

Heb je nieuwe kantoorgenoten die ook toe zijn aan een gezellige borrel met jonge vakgenoten? Stuur deze save the date gerust door. Willen zij voortaan zelf onze uitnodigingen ontvangen? Stuur dan een mail met naam en kantoor naar Ploon Meijer (ploon.meijer@hoogenhaak.nl).

Meer informatie volgt binnenkort.

Wij hebben er in ieder geval al veel zin in. Tot snel!

Yiyi Song
Bram Bogaerts
Nathalie Rodriguez
Luna Snellenberg

IEF 23694

Uitspraak ingezonden door Bas Peper & Thera Adam-van Straaten, Eversheds Sutherland

Voormalig Roadlok-distributeur moet Benelux-merk overdragen, meewerken aan wijziging tenaamstelling domeinnamen en gebruik van het ROADLOK-merk en misleidende uitingen staken

Rechtbank Midden-Nederland 14 jul 2026,, IEF 23694; C/16/612212 ((New Hampton Technologies c.s. (ROADLOK) / Quality Works c.s.)), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/voormalig-roadlok-distributeur-moet-benelux-merk-overdragen-meewerken-aan-wijziging-tenaamstelling-domeinnamen-en-gebruik-van-het-roadlok-merk-en-misleidende-uitingen-staken

Rb. Midden-Nederland 14 juli 2026, IEF 23694; C/16/612212 / KL ZA 26-150 (New Hampton Technologies c.s. (ROADLOK) tegen Quality Works c.s.). New Hampton houdt zich sinds 2005 bezig met de ontwikkeling, productie en verkoop van het Roadlok-motorslot, een ART4-gecertificeerd remklauwslot. Quality Works treedt vanaf 2019 op als distributeur binnen de EU. Gedurende de samenwerking registreert Quality Works het woordmerk ROADLOK als Benelux-merk, verricht zij internationale merkregistraties voor de EU, het VK en de VS en registreert zij daarnaast 33 domeinnamen met ‘Roadlok’ of ‘Roadlock’ op eigen naam. Volgens New Hampton vinden deze registraties zonder haar voorafgaande toestemming plaats en raakt zij daarvan pas na de inschrijvingen op de hoogte. Quality Works betwist dit en stelt dat de merkregistraties in overleg met New Hampton zijn verricht. Na beëindiging van de samenwerking in 2025 brengt Quality Works een eigen concurrerend motorslot op de markt onder de naam Lock Works Guardian. Via de Roadlok-domeinnamen en mailings aan retailers wekt zij de indruk dat het Roadlok-slot niet meer beschikbaar is in Europa en dat het Lock Works-slot daarvoor in de plaats komt.

IEF 23696

Artikel geschreven door Dirk Visser.

Alle buitenlanders beschermd door de Nederlandse Auteurswet

De Nederlandse Auteurswet beschermt alle binnenlandse én alle buitenlandse ‘makers van werken van letterkunde, wetenschap of kunst, ongeacht de nationaliteit of de gewone verblijfplaats van de maker’. Dat blijkt binnenkort ook duidelijk uit artikel 47 Auteurswet, zodra dat is aangepast zoals wordt voorgesteld in een wetsvoorstel dat sinds 14 juli 2026 bij de Raad van State ligt.

Het voorstel voor een ‘Wet collectief rechtenbeheer en toezicht’ dient vooral ter vervanging van de huidige ‘Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten’ uit 2003, maar bevat ook een zeer wenselijk verduidelijking van de Auteurswet. Wie nu in de Auteurswet kijkt vindt in het huidige artikel 47 een ingewikkelde bepaling met allerlei voorwaarden die helemaal niet in overeenstemming is met het geldende recht. Discriminatie op grond van nationaliteit mocht binnen de EU al heel  lang niet en sinds het Kwantum/Vitra arrest uit 2024 mag discriminatie van buitenlandse auteurs helemaal niet meer. Binnenkort blijkt dat dus ook duidelijk uit de wet.

Wel zijn er twee uitzonderingen:

  • Het zogenaamde ‘volgrecht’, het recht op een heffing bij verkoop van originele kunstwerken’, geld alleen voor EU-onderdanen en onderdanen van ander landen die zelf ook een volgrecht kennen. Dat blijkt uit artikel 43g Auteurswet.
  • Daarnaast blijft er sprake van ‘termijn-vergelijking’ van artikel 42 Auteurswet: buitenlandse auteurs zijn in Nederland niet meer beschermd als het auteursrecht in hun eigen land is verlopen.

Het is voor studenten en rechtszoekenden zeer wenselijk dat het geldende recht op dit punt gewoon duidelijk uit de wet blijkt en niet op basis van rechtspraak en literatuur bij elkaar gepuzzeld hoeft te worden. Het voorstel is in overeenstemming met het advies van de Commissie auteursrecht van 23 juni 2026.

Artikel 32 Wet op de Naburige Rechten dat ook absoluut geen weergave van het geldend recht over de toepasselijkheid op buitenlandse artiesten en producenten bevat wordt (nog) niet aangepast. De reden daarvoor is dat dat veel ingewikkelder is én dat er mogelijk op EU-niveau een zogenaamde ‘RAAP-fix’ aan zit te komen, waardoor de gevolgen van het RAAP-arrest mogelijk zullen worden terug gedraaid en het weer anders wordt dan het nu is.