Article written by Mark Marfé and Ian Turner, Pinsent Masons.
UPC rule changes accompany fees hike and may impact patent strategies
Article written by Mark Marfé and Ian Turner, Pinsent Masons.
Businesses should consider how updated rules of procedure at the Unified Patent Court (UPC) might impact their patent strategies, experts have advised.
Mark Marfé and Ian Turner of Pinsent Masons were commenting after the updated rules came into force on 1 January 2026 alongside a new court fees structure, which includes an inflation-based rise in court fees but with reduced fees for SMEs.
Marfé said: “The UPC’s fixed court fees, which applied previously for patent infringement actions and counterclaims for infringement, actions for declarations of non-infringement and applications to determine damages, and actions for compensation for licences of right, have been increased by almost 33%. This is significant for court users, but the court made clear that this reflected the fact that the original fee proposals, which were in effect until this increase, had not been updated in line with inflation since they were prepared in 2016.”
“Of particular note for applicants is the fact that these fixed fees, in addition to the court’s value-based fee, will now also apply where patent owners seek provisional measures, such as preliminary injunctions, applications for preservation of evidence and orders for inspection of premises, as well as orders for freezing of assets, where the value of the action exceeds €500,000. This is an important change, reflecting perhaps the broad scope, particularly following rulings on the court’s long-arm jurisdiction, and the increasing use, of such measures before the UPC,” he said.
“However, the value-based fee will be waived for certain applications – for preservation of evidence; inspections; or freezing of assets – if an infringement action is pending at the UPC between the same parties and is based on the same patent,” Marfé added.
Nationaal AI & Data congres
Van geautomatiseerde tekstgeneratie tot datagedreven besluitvorming: AI verandert de manier waarop organisaties werken. Tegelijkertijd leidt die inzet tot nieuwe vragen en aandachtspunten voor juristen, beleidsmakers en toezichthouders
Tijdens het Nationaal AI & Data congres op donderdag 5 februari bespreken we onder leiding van Astrid Sixma en Menno Weij de mogelijkheden voor bedrijven om AI strategisch in te zetten. We gaan in op wat een large learning model eigenlijk is, welke techniek hierachter zit en hoe dit het beste geruikt kan worden. Ook bespreken we de juridische kaders van AI. Waar moeten bedrijven op letten om compliant te zijn, persoonsgegevens te gebruiken of contractvoorwaarden op te stellen?
We hebben volgende week een paar mooie namen op het programma staan: Jolanda ter Maten, MSc, Arnoud Engelfriet, Laura Poolman, Louis Jonker en Merel Hazes.
De middag wordt afgesloten met een paneldiscussie waarin Douwe Groenevelt, Wouter Seinen en Jeroen Zweers deelnemen. Zij gaan onder andere in op de toekomst. Welk rol speelt AI in de juridische praktijk van morgen?
Datum: donderdag 5 februari 2026
Tijd: 13.00 - 17.15
Locatie: Capital C Amsterdam | Events | Meetings | Offices | Restaurant
Meer weten of aanmelden? Bekijk onze website: https://delex.nl/shop/opleidingen/nationaal-ai-en-data-congres-donderdag-5-februari-2026
Volg deLex op LinkedIn
Volg onze LinkedIn-pagina’s om volledig op de hoogte te blijven van alles wat binnen ons vakgebied én bij onze activiteiten speelt.
Via de LinkedIn-pagina Uitgeverij deLex blijft u op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van IE-, IT- en privacyrecht. Via deze pagina ontvangt u vakinhoudelijke updates over onder meer IE-, IT-, privacy- en mediarecht, inclusief nieuws rond publicaties, jurisprudentie en relevante ontwikkelingen voor de praktijk.
Op de LinkedIn-pagina deLex Media informeren wij u over nieuwe en actuele cursussen en congressen, recente en aankomende publicaties, en overige vakinhoudelijke activiteiten die voor uw praktijk van belang kunnen zijn. Daarnaast bieden wij een professioneel overzicht van onze evenementen en initiatieven, met tijdige aankondigingen zodat u relevante opleidings- en netwerkgelegenheden niet mist.
Bezoek onze pagina’s en kies voor ‘Volgen’ om onze berichten rechtstreeks in uw tijdlijn te ontvangen en onderdeel te worden van ons netwerk.
Artikel ingezonden door mr. J.M.N. van Limpt-Schrover, de Rechtspraak.
Geïndexeerde indicatietarieven IE- en octrooizaken per 1 februari 2026
Per 1 februari 2026 zijn de indicatietarieven in IE-zaken en de indicatietarieven in octrooizaken geïndexeerd. De indexatie geldt voor procedures bij de rechtbanken en de gerechtshoven. Voor octrooizaken blijven afzonderlijke regelingen van toepassing voor de Rechtbank Den Haag en het Gerechtshof Den Haag.
De aanpassing vloeit voort uit de indexering van de liquidatietarieven en is bedoeld om de redelijkheid, evenredigheid en voorspelbaarheid van proceskostenveroordelingen op grond van artikel 1019h Rv te waarborgen. De nieuwe tarieven zijn van toepassing, tenzij vóór 1 februari 2026 vonnis respectievelijk arrest is bepaald. De geactualiseerde regelingen zijn ter informatie bijgevoegd.
Merkinbreuk door verkoop van ByLima-sjaals buiten de privésfeer
Rb. Amsterdam 21 januari 2026, IEF 23248; ECLI:NL:RBAMS:2026:293 ([eiseres] c.s. tegen [gedaagde 1] c.s.). De rechtbank oordeelt dat twee particulieren inbreuk hebben gemaakt op de Benelux-beeldmerken van ByLima door sjaals met een identiek teken ter verkoop aan te bieden. Op basis van videobeelden van een ontmoeting met pseudokopers staat vast dat op 28 mei 2024 meerdere nieuwe, in cellofaan verpakte sjaals werden aangeboden tegen prijzen die aanzienlijk lager lagen dan de reguliere winkelprijzen, met mededelingen over beschikbare voorraad, kortingen bij afname van meerdere stuks en snelle levering. Dit gedrag kwalificeert als gebruik van het merk in het economisch verkeer in de zin van artikel 2.20 lid 2 sub a BVIE en valt niet binnen de particuliere sfeer. Voor het aannemen van merkinbreuk is niet vereist dat vaststaat dat het om namaakproducten gaat; het aanbieden van dezelfde waren onder een gelijk teken is voldoende. De rechtbank verklaart daarom voor recht dat sprake is van merkinbreuk en onrechtmatig handelen.
Jong IE-pubquiz donderdag 26 februari 2026
Hi mede jong IE’er,
Op donderdag 26 februari 2026 is het eindelijk weer zo ver: de Jong IE-Pubquiz bij Café Lust!
Ben jij klaar om jouw kennis over van alles en nog wat te testen en misschien wel die felbegeerde eerste prijs te pakken? Meld je dan snel aan voor deze legendarische avond waarover nog lang gesproken zal worden.
Café Lust heeft ongeveer plek voor 50 deelnemers en voorgaande edities van de pubquiz zaten al snel vol. Twijfel dus niet en geef je meteen op. Wie weet ga jij er dit jaar met de winst vandoor.
Ik wil meedoen. En nu?
Je kunt je alleen of met je (kantoor)team opgeven. In verband met de organisatie vragen wij je om je uiterlijk maandag 16 februari bij Ploon (via ploon.meijer@hoogenhaak.nl) aan te melden. Geef daarbij ook graag door of je mee eet bij Café Lust om 18:00 uur.
Het diner kost €22 pp excl. de drankjes tijdens het eten (het diner en drankjes tijdens het diner moet je zelf los afrekenen). Geef ook graag je menukeuze door. Je hebt de keuze uit:
- Burger Lust! (rund)
- Kippendij sate (kip)
- Vega burger (veganistisch)
- Salade geitenkaas (vegetarisch)
Voor de pubquiz vanaf 20:00 uur (incl. drankjes) vragen we je een Tikkie van €32,50 te betalen. Iemand van ons zal jullie daarom bij binnenkomst met een telefoon in de aanslag staan op te wachten.
Het Gerecht bevestigt verwarringsgevaar tussen ELON en ELTON
Gerecht EU 21 januari 2026, IEF 23246; ECLI:EU:T:2026:30 (Universal Brand Group Pty Ltd tegen Elon Group AB en EUIPO). In deze zaak gaat het om een Uniemerkaanvraag van Universal Brand Group Pty Ltd voor een figuratief teken “Elton” voor onder meer waren in de klassen 9 en 11 (elektronica, software en apparatuur voor verwarming en verlichting), waartegen Elon Group AB oppositie heeft ingesteld op basis van haar oudere Zweedse woordmerk “ELON”, ook geregistreerd voor onder meer klasse 9 en 11. Zij betoogt dat er sprake is gevaar voor verwarring bij het publiek op basis van artikel 8 (1)(b) van Verordening 2017/1001. De oppositieafdeling en vervolgens de kamer van beroep gaven Elon Group in essentie gelijk en weigerden de inschrijving van het aangevraagde merk. Universal Brand Group stelde een beroep in bij het Gerecht.
Het niet verlengen van de franchiseovereenkomst door Asics is rechtmatig
Rb Amsterdam 12 november 2025, IEF 23245; ECLI:NL:RBAMS:2025:8525 (ASICS EUROPE B.V. tegen GNOTHI SEATON SARL, [gedaagde 2], RNBINVEST SAS en SARL [gedaagde 4]). Deze zaak betreft een franchisegeschil tussen sportmerk ASICS als franchisegever en enkele Franse franchisenemers, die op basis van een franchiseovereenkomst met een looptijd van vijf jaar ASICS‑winkels exploiteerden. In de laatste contractfase kondigde ASICS aan dat zij de overeenkomst niet zou verlengen, tenzij de franchisenemers eerst een door ASICS verlangd verbeterplan zouden opstellen en uitvoeren, en dat ze hun schulden inlopen. Partijen slaagden er vervolgens niet in overeenstemming te bereiken over de inhoud en uitvoering van dit verbeterplan. ASICS had zorgen over de prestaties en formule‑uitvoering van de betrokken franchiselocaties en koppelde daarom de bereidheid om over verlenging te praten aan het opstellen en succesvol uitvoeren van een plan om de operatie te verbeteren. Volgens de franchisenemers was de niet-verlenging onrechtmatig of onaanvaardbaar. In conventie vordert ASICS betaling van openstaande facturen onder de franchiseovereenkomst, te vermeerderen met de contractueel verhoogde wettelijke handelsrente. In reconventie vorderen de franchisenemers dat ASICS gehouden zou zijn de franchiseovereenkomst te verlengen, of dat het niet‑verlengen onrechtmatig dan wel in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn. Ook vorderen zij schadevergoeding wegens het niet verlengen van de overeenkomst.
Geen inbreuk op Uniemodel Longchamp-tas: technisch bepaalde kenmerken en voldoende eigen karakter
Hof van beroep Brussel 13 januari 2026, IEF 23244; IEFbe 4094; 2018/AR/957 (Cassegrain tegen Vadigran NV). Het Hof van beroep Brussel oordeelt dat Vadirgan NV met haar hondenpoepzakhouders geen inbreuk maakt op het Uniemodel van Jean Cassegrain SAS (Longchamp) voor de bekende Le Pliage-tas. Het hof bevestigt zijn internationale bevoegdheid op grond van de Uniemodelverordening en verklaart zowel het principaal als het incidenteel hoger beroep ontvankelijk. Bij de beoordeling van de vermeende inbreuk stelt het hof voorop dat op grond van art. 8 lid 1 UMV geen bescherming toekomt aan kenmerken die uitsluitend door hun technische functie worden bepaald. De door Cassegrain aangevoerde overeenkomsten – waaronder de flap met drukknop, de globale vorm en de wijze van afsluiting – zijn volgens het hof functioneel noodzakelijk voor het betrokken product en daardoor uitgesloten van modelrechtelijke bescherming. Voor zover sprake is van niet-technische elementen, oordeelt het hof dat deze bij de geïnformeerde gebruiker geen overeenstemmende algemene indruk wekken, mede gelet op verschillen in formaat, verhoudingen, context van gebruik en marktpositionering. Van modelinbreuk is daarom geen sprake.
Uitspraak ingezonden door Jan Jacobi en Margot Vergeest, BarentsKrans.
Geen conservatoir beslag op tassen na toepassing Mio/Konektra
Rb Rotterdam 17 december 2025, IEF 23234; Zaaknummer/ C/10/711109/ KG RK 25-1226 (Entrelaced Holdings LLC en Entrelaced LLC tegen TIAM en Marrea). Entrelaced Holdings LLC en Entrelaced LLC hebben de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam verzocht om (definitief) verlof voor het leggen van conservatoir beslag tot afgifte van tassen van TIAM en Marrea die volgens hen inbreuk maken op hun auteursrecht. Op 10 december 2025 is voorlopig verlof verleend, waarna op 12 december 2025 beslag is gelegd waarbij 7067 tassen zijn geraakt. TIAM en Marrea hebben vervolgens verweer gevoerd en verzocht het voorlopig verleende verlof te herzien en het beslag op te heffen, met daarnaast een proceskostenveroordeling op grond van art. 1019h Rv en een verplichting voor Entrelaced om zekerheid te stellen voor beslagsschade.