Boete voor 'kampbeultweet' van raadslid
Rechtbank Limburg 22 augustus 2016, IEF 16206; ECLI:NL:RBLIM:2016:7288 (boete ‘kampbeul-tweet’) Mediarecht. Strafrecht. Sociale media. Belediging op Twitter van een ambtenaar in functie. Petermann, raadslid van de gemeente Heerlen, is veroordeeld tot een geldboete van 500 euro voor belediging van de OvJ. In een tweet vergeleek Petermann de OvJ met een ‘kampbeul’ uit Auschwitz en schreef daarbij ‘Ik hoop dat Anja Janssen-De Boer, oftewel ‘de Irma Grese van het OM’, nog vanavond verongelukt.’ Beroep op vrijheid van meningsuiting ex artikel 10, tweede lid, EVRM verworpen. In het voordeel van verdachte houdt de rechtbank rekening met het feit dat de verdachte herhaaldelijk heeft verklaard dat hij spijt heeft van het plaatsen van de tweet, omdat deze tweet erg kwetsend en moreel verwerpelijk is.
Mediarecht. Strafrecht. Artikel 131 en 132 Sr. In deze zaak staan negen personen terecht die verdacht worden van o.a. retweets met een jihadistisch en opruiend karakter. De rechtbank onderschrijft dat op Twitter het uitgangspunt geldt: retweet is not endorsement. Dat brengt mee dat het retweeten van een bericht dat op zich als opruiend wordt beoordeeld in beginsel niet strafbaar is ingevolge artikel 131 Sr. Wel valt deze gedraging onder de reikwijdte van artikel 132 Sr. Dat is anders indien uit het commentaar van verdachte bij de retweet blijkt dat hij de inhoud onderschrijft, of wanneer het geretweete bericht past binnen een reeks van berichten van verdachte van dezelfde aard en/of strekking, binnen een bepaalde periode. Hetzelfde geldt ook voor het delen van een hyperlink.
Strafrecht. Bewezenverklaring van (medeplegen van) handel in merkvervalste goederen, gewoontewitwassen en deelname aan een criminele organisatie waarvan verdachte de leider was. Bewijs rechtmatig verkregen. Aangiftes merkhouders bruikbaar. Geen gevangenisstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn en feit dat verdachte alweer ruim 3 jaar op vrije voeten is en geen justitiecontacten meer heeft gehad. Onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan voorarrest (105 dagen), 180 dagen voorwaardelijke gevangenisstraf met proeftijd van 3 jaar, 240 uur taakstraf en geldboete van € 10.000.
Uit het
Strafrecht. Mediarecht. Portretrecht. Belediging die bij afbeelding is aangedaan door het versturen van een privé-filmpje via de whatsapp. Verdachte heeft een neutrale, van haar facebookpagina afkomstige, foto van aangeefster toegevoegd aan een filmpje waarop seksuele gedragingen van een andere vrouw te zien zijn. Het oordeel van het hof dat de afbeelding in de context een beledigend karakter heeft ex art. 266 Sr is zonder nadere motivering niet begrijpelijk. Het Hof heeft de context waarin de afbeelding is geplaatst niets vastgesteld omtrent het verband dat in het filmpje wordt gelegd of gesuggereerd tussen de getoonde foto van aangeefster en het tonen van de door een andere vrouw verrichte seksuele gedragingen. Dat de foto van aangeefster in dit filmpje is opgenomen, kan nog niet worden ontleend dat het tonen van die afbeelding de strekking heeft aangeefster in een ongunstig daglicht te plaatsen en haar aan te randen in haar eer en goede naam.
Merkenrecht. Strafrecht. Namaak. Verdachte wordt ten laste gelegd en bewezenverklaard dat zij ex artikel 337 lid 1 onderdeel 1 Sr polo's, valselijk voorzien van het merk ABERCROMBIE in voorraad had. Gelet op Memorie van Toelichting bij kan ook van valse, vervalste of wederrechtelijk vervaardigde merken worden gesproken indien de merken echt zijn doch zijn aangebracht op goederen waarvoor zij niet bestemd zijn. Het middel faalt en gezien artikel 81 RO behoeft het geen nadere motivering.
Mediarecht. Het hof van discipline bekrachtigt de door de raad ongegronde verklaarde klacht [