Kort geding over onrechtmatige uitlatingen en rectificatieplicht op social media
Rb. Rotterdam 31 december 2025, IEF 23229; IT 5082; ECLI:NL:RBROT:2025:15317 ([eisers] tegen [gedaagde]). De zaak betreft een kort geding tussen een influencer en partner enerzijds en de beheerder van een juicekanaal anderzijds. [eisers] vorderen dat berichten van het juicekanaal worden verwijderd, verwijderd gehouden en dat een rectificatie op het juicekanaal wordt geplaatst. De berichten bevatten vermeende misstanden in de beautysalons van [eiser 1], een verjaardagsfeest in attractiepark DippieDoe en de professionele achtergrond van [eiser 2]. [eiser 1] reageert op zijn eigen kanalen met berichten waarin hij suggereert dat [gedaagde] achter ernstige bedreigingen, vernielingen en het “kapotmaken” van de eerste verjaardag van zijn kind zit, en hij kondigt een eigen onderzoek en “ontmaskering” aan. In conventie vorderen [eisers] op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW) en een inbreuk op hun recht op eer en goede naam en privacy (artikel 8 EVRM) onder meer dat de berichten worden verwijderd en verwijderd gehouden, dat het juicekanaal zich onthoudt van soortgelijke uitingen, dat een uitgebreide rectificatie wordt geplaatst op alle socialmediakanalen van het juicekanaal en dat de namen en adressen van de bronnen die uitlatingen over [eiser 2] hebben gedaan worden verstrekt, alles op straffe van dwangsommen. In reconventie vordert [gedaagde], ook onder beroep op onrechtmatige daad en bescherming van zijn eer en goede naam, dat [eiser 1] en [eiser 2] hun uitingen over hem verwijderen en verwijderd houden, dat zij zich onthouden van nieuwe onnodig grievende uitlatingen, dat zij een rectificatie plaatsen op hun eigen socialmediakanalen en dat zij tot de proceskosten worden veroordeeld.