Modellenrecht  

IEF 21021

Uitspraak ingezonden door Carja Mastenbroek, Good Law.

Inbreuk op Puma-merken

Rechtbank Den Haag 12 okt 2022, IEF 21021; ECLI:NL:RBDHA:2022:10533 (Puma tegen X), https://ie-forum.nl/artikelen/inbreuk-op-puma-merken

Rechtbank Den Haag 12 oktober 2022, IEF 21021; ECLI:NL:RBDHA:2022:10533 (Puma tegen X) Puma is een onderneming in sportkleding en accessoires en houdster van de Puma-merken. Eind 2019 heeft Puma geconstateerd dat gedaagde trainingspakken waarop zonder toestemming van Puma tekens zijn aangebracht die gelijk zijn aan de Puma-merken en die 'namaak' betroffen, te koop aanbood via Facebook. De inbreukmaker stelt dat er geen sprake is van handel, maar dat de trainingspakken voor privégebruik zijn bedoeld. Deze verklaring wordt niet geloofwaardig geacht. De gedaagde wordt onder meer bevolen iedere inbreuk op de Puma-merken te staken en gestaakt te houden en veroordeeld tot een boete voor overtreding van een eerdere schikking en de proceskosten van deze procedure.

IEF 21006

IE-rechten modelschip zijn overgedragen

Rechtbank Rotterdam 5 okt 2022, IEF 21006; ECLI:NL:RBROT:2022:8323 (IMC tegen NVS), https://ie-forum.nl/artikelen/ie-rechten-modelschip-zijn-overgedragen

Vzr. Rb. Rotterdam 5 oktober 2022, IEF 21006; ECLI:NL:RBROT:2022:8323 (IMC tegen NVS) IMC en NVS hebben in 2018 een overeenkomst gesloten voor de koop van het ontwerp en de IE-rechten van een model sleepboot (2409-model). Later dat jaar is IMC gestart met de ontwikkeling van het 2410-model. In 2019 zijn de modelrechten ter zake van de vorm van de romp van het 2410-model geregistreerd op naam van IMC. NVS verkoopt in 2021 het eerste exemplaar van het 2410-model aan een derde. Partijen twisten over de vraag of NVS het conceptontwerp en de IE-rechten van het 2410 model van IMC heeft overgenomen. De voorzieningen rechter oordeelt dat de IE-rechten op het 2410-conceptontwerp aan NVS zijn overgedragen en dat het NVS vrij staat aan de hand daarvan een boot te laten bouwen en deze aan een derde te verkopen.

IEF 20946

Prejudiciële vragen m.b.t. begrippen 'zichtbaarheid' en 'normaal gebruik'

HvJ EU 8 sep 2022, IEF 20946; ECLI:EU:C:2022:656 (Monz tegen Büchel), https://ie-forum.nl/artikelen/prejudiciele-vragen-m-b-t-begrippen-zichtbaarheid-en-normaal-gebruik

HvJ EU conclusie A-G 8 september 2022, IEF 20946, IEFbe 3538; ECLI:EU:C:2022:656 (Monz tegen Büchel) Monz Handelsgesellschaft International mbH Co. KG (hierna: Monz) is houdster van een model dat is ingeschreven voor de voortbrengselen ‘fiets‑ en motorfietszadels’. Büchel GmbH & Co. Fahrzeugtechnik KG (hierna: Büchel) heeft een verzoek tot nietigverklaring van het litigieuze model ingediend. Zij meent dat het model niet in aanmerking zou komen voor bescherming omdat het bij normaal gebruik niet zichtbaar zou zijn. Het Bundesgerichtshof heeft vervolgens enkele prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ met betrekking tot het vereiste van zichtbaarheid.

IEF 20829

Mallen niet beschermd door intellectuele-eigendomsrechten

Rechtbank Noord-Holland 25 mei 2022, IEF 20829; ECLI:NL:RBNHO:2022:4654 (Eiser tegen gedaagde ), https://ie-forum.nl/artikelen/mallen-niet-beschermd-door-intellectuele-eigendomsrechten

Rb. Noord-Holland 25 mei 2022, IEF 20829; ECLI:NL:RBNHO:2022:4654 (eiser tegen gedaagde) Eiser is een fabrikant van watersportartikelen, waaronder sloepen. Gedaagde is een producent van verschillende soorten schepen, waaronder sloepen. Eiser verkoopt op grond van een duurovereenkomst tussen partijen mallen voor sloepen aan gedaagde. Gedaagde is, na opzegging van de overeenkomst, mallen aan een concurrent van eiser gaan verkopen. Eiser stelt dat er model- en merkrechten verbonden zijn aan de mallen. Op de zitting is echter door hem erkend dat dit niet het geval is. De rechtbank oordeelt dat de mallen niet beschermd zijn door een intellectuele-eigendomsrecht. Ook een beroep op slaafse nabootsing slaagt niet.

IEF 20739

Inbreuk op modelrechten kinderfietsen

Rechtbank Den Haag 20 apr 2022, IEF 20739; ECLI:NL:RBDHA:2022:3653 (T.O.M. tegen Prijskiller en Eastman), https://ie-forum.nl/artikelen/inbreuk-op-modelrechten-kinderfietsen

Rb. Den Haag 20 april 2022, IEF 20739; ECLI:NL:RBDHA:2022:3653 (T.O.M. tegen Prijskiller en Eastman) T.O.M. verkoopt verscheidene producten aan consumenten waaronder kinderfietsen met het merk Amigo. Ten aanzien van sommige van deze kinderfietsen is er een gemeenschapsmodel geregistreerd door T.O.M. T.O.M. wordt hierbij gezien als ontwerper, dan wel maker, van het design van deze fietsen. De rechtbank gaat vervolgens na of er per fiets sprake is van een inbreuk op de intellectuele-eigendomsrechten van T.O.M. Terwijl de 2Cycle Desire-fiets van Prijskiller inbreuk maakt op het auteursrecht van T.O.M., maken een viertal andere modellen van Prijskiller inbreuk op het modelrecht van T.O.M. Een beroep op de tangwerking van diens modellen door Prijskiller lukt in dit onderhavige geval niet, gezien de gelijktijdige inschrijving met de modellen van T.O.M. Tot slot behandelt de rechtbank de conventionele vorderingen jegens Eastman afzonderlijk, waarbij de rechtbank moet concluderen dat zij niet bevoegd is om kennis te nemen van de contractuele vordering.

IEF 20681

Gerecht EU: douchegoot is geldig model

Gerecht EU (voorheen GvEA) 27 apr 2022, IEF 20681; ECLI:EU:T:2022:263 (Nivelles tegen EUIPO), https://ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-douchegoot-is-geldig-model

Gerecht EU 27 april 2022, IEF 20681, IEFbe 3431; ECLI:EU:T:2022:263 (Nivelles tegen EUIPO) In deze modelrechtzaak aan het Gerecht staat de inschrijving van douchegoten door het EUIPO centraal. Ook in een eerdere uitspraak zijn modellen van douchegoten aan bod gekomen bij het HvJ EU [IEF 17130], waarbij Nivelles ook partij was in de procedure tegen Easy Sanitary Solutions. In het onderhavige geval gaat het om een besluit van het EUIPO om het litigieuze model geldig te verklaren, waardoor deze kon worden ingeschreven binnen het modellenregister. Aldus Nivelles is deze geldigverklaring onjuist en dient dit besluit te worden vernietigd. Het Gerecht is het hier niet mee eens en verwerpt de aangedragen middelen van Nivelles. Hierbij waren ook de eerdere ingeschreven en beschikbare modellen van dit soort afvoerputjes in het geding, alhoewel op meer processuele gronden. Bij de vergelijking van de conflicterende modellen en een behandeling van het eigen karakter van het litigieuze model werden de overwegingen van het EUIPO verder bevestigd. Het Hof concludeert dus dat dit een geldig model betreft.
Tot slot wordt in bewijsrechtelijke zin nogmaals benadrukt dat bij weigering van een verzoek het geen fout is, wanneer de partij die het getuigenverhoor heeft ingediend, deze het getuigenverhoor ook schriftelijk had kunnen overleggen.

IEF 20645

McCain maakt inbreuk op modelrecht van Simplot

Rechtbank Den Haag 23 mrt 2022, IEF 20645; ECLI:NL:RBDHA:2022:2476 (McCain tegen Simplot), https://ie-forum.nl/artikelen/mccain-maakt-inbreuk-op-modelrecht-van-simplot

Rb Den Haag 23 maart 2022, IEF 20645; ECLI:NL:RBDHA:2022:2476 (McCain tegen Simplot) De vraag die in deze zaak centraal staat is of McCain Holland c.s. met haar product Rustic Twist friet inbreuk heeft gemaakt op het modelrecht van Simplot. De rechtbank oordeelt dat de draaiende Rustic Twists bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk wekken dan het model. De draaiende Rustic Twists vormen dus een inbreuk op het modelrecht van Simplot. De in conventie gevorderde verklaring voor recht van niet-inbreuk zal worden afgewezen. De rechtbank wijst een EU-wijd inbreukverbod toe, zoals in reconventie gevorderd.

IEF 20626

HvJ EU: Nevenvorderingen beoordeeld naar recht van land waar inbreukmakende handelingen zijn verricht

HvJ EU 3 mrt 2022, IEF 20626; ECLI:EU:C:2022:152 (Acacia tegen Bayerische Motoren Werke), https://ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-nevenvorderingen-beoordeeld-naar-recht-van-land-waar-inbreukmakende-handelingen-zijn-verricht

HvJ EU 3 maart 2022, IEF 20626, IEFbe 3410; ECLI:EU:C:2022:152 (Acacia tegen Bayerische Motoren Werke) BMW is houder van een litigieus gemeenschapsmodel. Acacia produceert velgen voor motorvoertuigen en brengt deze op de markt in de EU. Dit zou volgens BMW inbreuk maken op het litigieuze gemeenschapsmodel, terwijl Acacia zich beroept op de reparatieclausule van artikel 110 VGM. De rechter in eerste aanleg wijst de vorderingen van BMW toe, met als gevolg dat Acacia de inbreuk op het modelrecht van BMW in Duitsland moet staken. De rechter heeft op de nevenvorderingen op grond van artikel 8(2) Rome II-verordening het Duitse recht toegepast. Volgens Acacia is het Italiaanse recht van toepassing. Hierover stelde het Oberlandesgericht Düsseldorf prejudiciële vragen [zie IEF 20282 voor de prejudiciële vragen].

Beantwoording van de prejudiciële vragen:

IEF 20573

Ex parte verbod wordt niet opgeheven

Rechtbank Den Haag 16 feb 2022, IEF 20573; ECLI:NL:RBDHA:2022:1216 (Noraplant tegen Greencre8), https://ie-forum.nl/artikelen/ex-parte-verbod-wordt-niet-opgeheven

Vzr. Rb Den Haag 16 februari 2022, IEF 20573; ECLI:NL:RBDHA:2022:1216 (Noraplant tegen Greencre8) Eerder heeft de voorzieningenrechter aan Noraplant een ex parte verbod opgelegd met betrekking tot de modelrechten op Sansevieria’s [IEF 20530]. Noraplant heeft gehoor gegeven aan de beschikking en heeft de inbreuken op de modelrechten onmiddellijk gestaakt. Nu vordert zij dat de voorzieningenrechter bij vonnis het bevel zal opheffen. Dit omdat Noraplant stelt dat het ex parte bevel herzien moet worden omdat Greencre8 in haar verzoekschrift de voorzieningenrechter op verschillende onderdelen niet volledig heeft voorgelicht en omdat de modelrechten voor vernietiging in aanmerking zouden komen. Dit laatste zou zijn omdat zij op natuurlijke organismen zien die geen onderdeel mogen vormen van een modelrecht en omdat de modelrechten onduidelijk zijn geregistreerd.

IEF 20530

Ex parte verbod

Rechtbank Den Haag 31 jan 2022, IEF 20530; ECLI:NL:RBDHA:2022:932 (GreenCre8 tegen Noraplant), https://ie-forum.nl/artikelen/ex-parte-verbod

Vzr. Rb Den Haag 31 januari 2022, IEF 20530; ECLI:NL:RBDHA:2022:932 (GreenCre8 tegen Noraplant) Volgens GreenCre8 maakt Noraplant inbreuk op haar modelrechten met betrekking tot Sansevieriaplanten. Deze inbreuk is voldoende aannemelijk gemaakt. Het verzoek tot een ex parte verbod wordt toegewezen, gelet op hetgeen is aangevoerd ten aanzien van het spoedeisend belang en de mate van aannemelijkheid van de inbreuk. Op andere onderdelen wordt het verzoek afgewezen, omdat er onvoldoende aanleiding voor de verzochte maatregelen bestaat, dan wel omdat een wettelijke grondslag ontbreekt, het verzochte niet specifiek genoeg is of ter voorkoming van executiegeschillen. De voorzieningenrechter oordeelt dat Noraplant de inbreuk moet staken en gestaakt moet houden op straffe van een dwangsom.