Alle rechtspraak  

IEF 23246

Het Gerecht bevestigt verwarringsgevaar tussen ELON en ELTON

Gerecht EU (voorheen GvEA) 21 jan 2026, IEF 23246; ECLI:EU:T:2026:30 (Universal Brand Group Pty Ltd tegen Elon Group AB en EUIPO), https://ie-forum.nl/artikelen/het-gerecht-bevestigt-verwarringsgevaar-tussen-elon-en-elton

Gerecht EU 21 januari 2026, IEF 23246; ECLI:EU:T:2026:30 (Universal Brand Group Pty Ltd tegen Elon Group AB en EUIPO). In deze zaak gaat het om een Uniemerkaanvraag van Universal Brand Group Pty Ltd voor een figuratief teken “Elton” voor onder meer waren in de klassen 9 en 11 (elektronica, software en apparatuur voor verwarming en verlichting), waartegen Elon Group AB oppositie heeft ingesteld op basis van haar oudere Zweedse woordmerk “ELON”, ook geregistreerd voor onder meer klasse 9 en 11. Zij betoogt dat er sprake is gevaar voor verwarring bij het publiek op basis van artikel 8 (1)(b) van Verordening 2017/1001. De oppositieafdeling en vervolgens de kamer van beroep gaven Elon Group in essentie gelijk en weigerden de inschrijving van het aangevraagde merk. Universal Brand Group stelde een beroep in bij het Gerecht.

IEF 23241

Kort geding: nakoming aandelenoverdracht en teruglevering woordmerk afgedwongen

Rechtbank Amsterdam 25 nov 2025, IEF 23241; ECLI:NL:RBAMS:2025:10092 ([eiser 1] , [eiser 2] en [eiser 3] tegen OKA en [gedaagde 2]), https://ie-forum.nl/artikelen/kort-geding-nakoming-aandelenoverdracht-en-teruglevering-woordmerk-afgedwongen

Rb. Amsterdam 25 november 2025, IEF 23241; ECLI:NL:RBAMS:2025:10092 ([eiser 1] , [eiser 2] en [eiser 3] tegen OKA en [gedaagde 2]). In dit kort geding bij de rechtbank Amsterdam stond een geschil centraal tussen aandeelhouders/bestuurders van een vennootschap die een cafetaria en broodjeszaak exploiteert. Partijen hadden in een tussenovereenkomst afgesproken dat een derde partij voor 1/3 aandeelhouder zou worden, tegen betaling van € 25.000, met levering via de notaris. Hoewel de oorspronkelijk beoogde leveringsdatum werd overschreden, bleek uit latere correspondentie dat partijen de overeenkomst feitelijk bleven uitvoeren en de termijn stilzwijgend verlengden. Het verweer van gedaagden dat de overeenkomst was beëindigd wegens het verstrijken van de datum werd daarom verworpen. De voorzieningenrechter achtte voldoende aannemelijk dat de bodemrechter nakoming zou toewijzen en gelastte levering van 20 aandelen aan eiser, onder oplegging van een dwangsom.

IEF 23239

Uitspraak ingezonden door Britt Beumer en mr. L.J. Gravendeel, Fruytier Lawyers in Business

Hostingprovider aansprakelijk voor merkinbreuk en afgifte NAW‑gegevens

Rechtbanken 23 jan 2026, IEF 23239; Zaaknummer: C/09/696323 / KG ZA 25-1249 (TER HELL & CO. GMBH en TER CHEMICALS GMBH & CO. KG tegen YOUR HOSTING B.V.), https://ie-forum.nl/artikelen/hostingprovider-aansprakelijk-voor-merkinbreuk-en-afgifte-naw-gegevens

Rb. Den Haag 23 januari 2026, IEF 23239; Zaaknummer: C/09/696323 / KG ZA 25-1249 (TER HELL & CO. GMBH en TER CHEMICALS GMBH & CO. KG tegen YOUR HOSTING B.V.). TER Hell en TER Chemicals maken deel uit van de TER Group, een internationale distributeur van chemische producten die de handelsnamen TER, TER Chemicals en TER Hell voert en houdster is van het woordmerk TER. In het najaar van 2025 ontdekt TER c.s. dat de website terchemie.com, gehost door Neostrada, zonder toestemming de tekens TER Chemie en een overeenkomstig logo gebruikt voor een chemische distributeur. TER c.s. stuurt Neostrada een notice‑and‑takedown verzoek en sommaties om de inbreukmakende pagina’s te verwijderen of te blokkeren en de NAW‑ en overige identificerende gegevens van de websitehouder te verstrekken, maar Neostrada beperkt zich tot een tijdelijke schorsing. In kort geding vordert TER c.s. primair dat Neostrada wordt bevolen de specifieke pagina’s met TER Chemie blijvend te verwijderen of te blokkeren en de volledige NAW‑gegevens van de websitehouder, plus klant‑, account‑, betalings‑ en loggegevens, af te geven; subsidiair dat de gehele website offline wordt gehaald en offline blijft. Daarnaast vordert TER c.s. een dwangsom van 10.000 euro per dag voor iedere dag dat Neostrada de bevelen niet naleeft, vergoeding van de volledige IE‑proceskosten ex artikel 1019h Rv en bepaling van een termijn voor de hoofdzaak op grond van artikel 1019i Rv. Als grondslag voert zij aan dat sprake is van merkinbreuk in de zin van artikel 9 lid 2 sub b UMVo, handelsnaaminbreuk op grond van artikel 5, 5a en 5b Hnw, aansprakelijkheid van Neostrada onder artikel 6 lid 1 DSA doordat de inbreukmakende content niet blijvend is verwijderd, en onrechtmatig handelen ex artikel 6:162 BW wegens weigering om NAW‑gegevens te verstrekken.

IEF 23235

Uitspraak ingezonden door Margriet Koedooder en Victor den Hollander, de Vos & Partners Advocaten.

Dash Berlin mag weer gebruikt worden door de originele artiest, Jeffrey Sutorius

Hof Den Haag 20 jan 2026, IEF 23235; ECLI:NL:GHDHA:2026:25 ([appellant 1] c.s. tegen [geïntimeerde 1] c.s.), https://ie-forum.nl/artikelen/dash-berlin-mag-weer-gebruikt-worden-door-de-originele-artiest-jeffrey-sutorius

Hof Den Haag 20 januari 2025, IEF 23235; ECLI:NL:GHDHA:2026:25 ([appellant 1] c.s. tegen [geïntimeerde 1] c.s.). Het geschil tussen partijen vindt zijn oorsprong in de beëindiging van de samenwerking rond de DJ-act Dash Berlin. De act was opgericht door [geïntimeerden 1 t/m 4], waarbij [appellant 1] als uitvoerend DJ optrad. In 2019 sloten partijen een vaststellingsovereenkomst (VSO) ter beëindiging van hun geschillen. Deze VSO voorzag erin dat [appellant 1] c.s. de act mocht voortzetten tegen betaling van een licentievergoeding, terwijl de bijbehorende activa (o.a. merk- en handelsnaamrechten) aan hem werden overgedragen. De VSO bevatte tevens een terugleverregeling voor het geval de licentievergoedingen niet (tijdig) zouden worden betaald. Daarnaast maakten partijen in artikel 21 VSO afspraken over de afwikkeling van Amerikaanse fiscale aangelegenheden tot mei 2018. In 2020 ontstond discussie over een aanzienlijke Amerikaanse belastingaanslag over 2017. [appellant 1] c.s. stelde zich op het standpunt dat deze aanslag op grond van artikel 21 VSO door [geïntimeerde 1] c.s. moest worden betaald en schortte de betaling van de licentievergoeding op. [geïntimeerde 1] c.s. betwistte dit en startte een kort geding, waarin onder meer teruglevering van de Dash Berlin-activa, een verbod op gebruik van de merken en betaling van achterstallige licentievergoedingen werd gevorderd. De voorzieningenrechter wees deze vorderingen grotendeels toe en verwierp het beroep op opschorting. [appellant 1] c.s. stelde hoger beroep in.

IEF 23232

LEGO-blokje mist eigen karakter: Gerecht bevestigt nietigheid Uniemodel

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 jan 2026, IEF 23232; ECLI:EU:T:2026:6 (Lego A/S tegen EUIPO en Guangdong Qman Toys Industry Co. Ltd), https://ie-forum.nl/artikelen/lego-blokje-mist-eigen-karakter-gerecht-bevestigt-nietigheid-uniemodel

Gerecht EU 14 januari 2026, IEF 23232; IEFbe4093; ECLI:EU:T:2026:6 (Lego A/S tegen EUIPO en Guangdong Qman Toys Industry Co. Ltd). Het Gerecht (Tweede kamer) verwerpt het beroep van Lego A/S tegen de beslissing van de Kamer van Beroep van EUIPO om een ingeschreven Uniemodel voor een bouwblokje uit een speelgoedbouwsysteem nietig te verklaren wegens ontbreken van eigen karakter (art. 6 jo. art. 25(1)(b) Vo 6/2002). De nietigheidsaanvraag was ingediend door Guangdong Qman Toys en gebaseerd op een ouder model dat via de website brickset.com openbaar was gemaakt (onderdeel nr. 61252). EUIPO en de Kamer van Beroep vonden dat het betwiste model bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk wekte dan het oudere model, omdat de hoofdkenmerken samenvielen (o.m. een plaat met cilindrische stud(s) bovenop, gladde oppervlakken en een halvemaanvormige klem centraal in een eindwand). LEGO stelde in beroep dat de verschillen, onder meer rechthoekig (betwist model) versus vierkant (ouder model), een extra stud en verschillen aan de onderzijde, te weinig gewicht hadden gekregen.

IEF 23234

Uitspraak ingezonden door Hidde Koenraad, Boekx Advocaten.

Opheffingskortgeding over beslag op BMW-voertuigen na brand op de Fremantle Highway

Hof Den Haag 20 jan 2026, IEF 23234; ECLI:NL:GHDHA:2026:55 ([appellant ] c.s. tegen BMW), https://ie-forum.nl/artikelen/opheffingskortgeding-over-beslag-op-bmw-voertuigen-na-brand-op-de-fremantle-highway

Hof Den Haag 20 januari 2026, IEF 23234; ECLI:NL:GHDHA:2026:55 ([appellant ] c.s. tegen BMW). Het hof beslist in hoger beroep in een opheffingskortgeding dat het door BMW gelegde conservatoire beslag tot afgifte op BMW-voertuigen afkomstig van de Fremantle Highway niet wordt opgeheven. De appellanten hadden 260 voertuigen gekocht; BMW had beslag gelegd op 253 voertuigen (246 bij Womy en 7 bij 3B Exclusief). Het hof stelt voorop dat in kort geding moet worden afgestemd op een bodemuitspraak over hetzelfde geschilpunt tussen dezelfde partijen, behoudens kennelijke misslag of zodanig gewijzigde omstandigheden dat de bodemrechter anders zou hebben beslist. Dat afstemmen is hier leidend, omdat de rechtbank in de bodemprocedure op 30 juli 2025 [IEF 22842] reeds (samengevat) voor recht heeft verklaard dat (de meeste) appellanten inbreuk maakten op BMW’s Unie-merken en -modellen door het aanbieden/verhandelen/voorraad houden/in- of uitvoeren van de voertuigen, met een inbreukverbod, opgave, recall en een bevel tot afgifte ter vernietiging (niet uitvoerbaar bij voorraad), terwijl één vennootschap ([appellant 3]) van die bevelen werd uitgezonderd omdat zij niet betrokken werd geacht. Tegen deze achtergrond bekrachtigt het hof in de kern het eerdere kortgedingvonnis van 15 juli 2024 [IEF 22134] waarin de vorderingen tot opheffing van het beslag waren afgewezen en in reconventie een verbod/opgave/recall was toegewezen.

IEF 23229

Zorginstellingen voor ouderen identiek aan verzorgingstehuizen: Gerecht corrigeert Kamer van Beroep

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 jan 2026, IEF 23229; ECLI:EU:T:2026:4 (Kimpton Hotel & Restaurant Group LLC tegen EUIPO en Kamstar GmbH), https://ie-forum.nl/artikelen/zorginstellingen-voor-ouderen-identiek-aan-verzorgingstehuizen-gerecht-corrigeert-kamer-van-beroep

Gerecht EU 14 januari 2026, IEF 2322; IEFbe 4091; ECLI:EU:T:2026:4 (Kimpton Hotel & Restaurant Group LLC tegen EUIPO en Kamstar GmbH). In 2022 diende Kamstar GmbH twee aanvragen in voor de Uniewoordmerken Kimsum en Kimkom, die onder meer betrekking hadden op diensten in klasse 43, waaronder hotel- en restaurantdiensten, dagopvang en zorg- en huisvestingsdiensten voor ouderen en kinderen. Kimpton Hotel & Restaurant Group LLC stelde oppositie in op basis van haar oudere Uniewoordmerk KIMPTON, dat eveneens bescherming geniet voor een breed scala aan diensten in klasse 43. De Oppositieafdeling wees de bezwaren af wegens het ontbreken van verwarringsgevaar. In beroep verklaarde de Kamer van Beroep de opposities gedeeltelijk gegrond, maar oordeelde dat voor bepaalde diensten op het gebied van dagopvang en ouderenzorg geen verwarringsgevaar bestond, omdat deze slechts in geringe mate zouden overeenkomen met de door het oudere merk bestreken diensten.

IEF 23221

Geldige exclusieve licentie doorslaggevend bij handelsnaam- en merkrechtgeschil

Rechtbank Gelderland 19 dec 2025, IEF 23221; ECLI:NL:RBGEL:2025:11550 ([eisers] tegen [gedaagde]), https://ie-forum.nl/artikelen/geldige-exclusieve-licentie-doorslaggevend-bij-handelsnaam-en-merkrechtgeschil

Rb. Gelderland 19 december 2025, IEF 23221; ECLI:NL:RBGEL:2025:11550 ([eisers] tegen [gedaagde]). In dit kort geding beoordeelt de rechtbank een geschil over het gebruik van een handelsnaam, merkrechten en een octrooi voor een isolatieproduct. Eisers stellen dat zij op grond van een in juni 2025 gesloten licentieovereenkomst (LO2) exclusieve rechten hebben verkregen en dat gedaagde inbreuk maakt door het gebruik van dezelfde handelsnaam en merken. Gedaagde verweert zich met de stelling dat zij al eerder, op 12 februari 2025, op grond van een andere licentieovereenkomst (LO1) een exclusieve licentie heeft verkregen op het octrooi, de handelsnaam en de bijbehorende merken. De voorzieningenrechter stelt voorop dat sprake is van spoedeisend belang, maar beoordeelt vervolgens of de vorderingen in een bodemprocedure een reële kans van slagen hebben.

IEF 23215

Het oudere recht op de naam ‘Leone’: afbakening tussen artikel 60 lid 2 onder a en artikel 60 lid 1 onder c UMVo

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 jan 2026, IEF 23215; ECLI:EU:T:2026:10 (Lisa Leone, Giorgio Leone, Leone & Leone OG tegen EUIPO en Incom), https://ie-forum.nl/artikelen/het-oudere-recht-op-de-naam-leone-afbakening-tussen-artikel-60-lid-2-onder-a-en-artikel-60-lid-1-onder-c-umvo

Gerecht EU 14 januari 2026, IEF 23215; ECLI:EU:T:2026:10 (Lisa Leone, Giorgio Leone, Leone & Leone OG tegen EUIPO en Incom). Verzoekers (Lisa Leone, Giorgio Leone, Leone & Leone OG) verzochten in 2022 bij de Cancellation Division van het EUIPO om nietigverklaring van het Uniemerk ‘Leone’, ingeschreven voor roomijs en diverse ijsproducten. Volgens de verzoekers hadden zij een bestaand recht volgens Nationaal Oostenrijks recht. De verzoekers stelden dat zij volgens het Oostenrijkse recht eerder rechten hadden op de naam Leone, omdat het hun familienaam is, die zij gebruiken in hun bedrijfsactiviteiten, en omdat de naam Leone op hun ijssalons en producten wordt gebruikt. De vordering tot nietigverklaring werd ingediend op grond van artikel 60, lid 2, onder a) van verordening (EU) 2017/1001, in combinatie met Oostenrijkse wettelijke regelingen, namelijk § 43 van het Allgemeine bürgerliche Gesetzbuch, § 9 van het Gesetz gegen den unlauteren Wettbewerb en § 12 van het Markenschutzgesetz. De Cancellation Division wees op 9 maart 2023 de vordering tot nietigverklaring af, waarna de kamer van beroep bij beslissing van 27 november 2024 die afwijzing bevestigde. De kamer van beroep oordeelde dat de door verzoekers aangevoerde rechten niet onder het in artikel 60, lid 2, onder a), genoemde “recht op de naam” vielen, maar eerder onder artikel 60, lid 1, onder c), dat ziet op niet‑ingeschreven merken en andere tekens die in het economische verkeer worden gebruikt om waren of diensten aan te duiden en de commerciële herkomst te waarborgen. Volgens de kamer van beroep maakten verzoekers met name aanspraak op bescherming tegen misleiding van het relevante publiek omtrent de commerciële herkomst, zodat de naam “Leone” in hun gebruik fungeerde als commercieel identificatiemiddel en niet als naam ter identificatie van een persoon. Verzoekers hebben tegen deze beslissing beroep ingesteld het gerecht van de EU.

IEF 23213

Structurele merkinbreuk op Satisfyer-Uniemerken: verbod, inzage en verwijzing naar schadestaat

Rechtbank Den Haag 7 jan 2026, IEF 23213; ECLI:NL:RBDHA:2026:337 (Triple A tegen [gedaagde]), https://ie-forum.nl/artikelen/structurele-merkinbreuk-op-satisfyer-uniemerken-verbod-inzage-en-verwijzing-naar-schadestaat

Rb. Den Haag 7 januari 2026, IEF 23213; ECLI:NL:RBDHA:2026:337 (Triple A tegen [gedaagde]). De rechtbank oordeelt dat [gedaagde] inbreuk heeft gemaakt op meerdere Uniemerken van Triple A Finance door het importeren, aanbieden en verkopen van namaak Satisfyer-producten via onder meer bol.com, zijn eigen website en andere online platforms. Vast staat dat de aangeboden producten identiek waren aan de ingeschreven merken en werden gebruikt voor dezelfde waren, zonder toestemming van de merkhouder. Daarmee is voldaan aan de voorwaarden van artikel 9 lid 2 onder a UMVo. De rechtbank acht van belang dat sprake was van structurele en bewuste handel in namaakproducten, blijkend uit testaankopen, in beslag genomen goederen, inkoopfacturen via Alibaba en interne communicatie met leveranciers. Triple A Finance is als merkhouder vorderingsgerechtigd; de vorderingen van Triple A Marketing worden afgewezen. De rechtbank legt een EU-wijd inbreukverbod op, beveelt rectificatie, vernietiging van nog aanwezige namaakproducten en verbindt daaraan een dwangsom.