Alle rechtspraak  

IEF 23964

Rb. Den Haag: EvolutionRE maakt merkinbreuk op EVOLUTIQ

Rechtbank Den Haag 19 okt 2026, IEF 23964; ECLI:NL:RBDHA:2026:30863 (Evolutiq tegen EvolutionRE), https://ie-forum.nl/artikelen/rb-den-haag-evolutionre-maakt-merkinbreuk-op-evolutiq

Rb. Den Haag 19 oktober 2026, IEF 23964; ECLI:NL:RBDHA:2026:30863 (Evolutiq tegen EvolutionRE). In deze zaak oordeelt de voorzieningenrechter dat EvolutionRE met het gebruik van haar naam inbreuk maakt op het Uniewoordmerk EVOLUTIQ. Beide ondernemingen zijn actief in de vastgoedsector en bieden diensten aan op het gebied van vastgoedontwikkeling en -beheer. Evolutiq stelt dat het gebruik van het teken EvolutionRE verwarringsgevaar oplevert in de zin van artikel 9 lid 2 sub b UMVo. De voorzieningenrechter stelt vast dat sprake is van een sterke visuele overeenstemming tussen EVOLUTIQ en EvolutionRE, omdat het voor de totaalindruk bepalende begin ‘EVOLUTI’ volledig overeenstemt. De auditieve overeenstemming is daarentegen gering en een begripsmatige vergelijking is niet mogelijk. Gelet op de sterke visuele overeenstemming, de identieke diensten en het gemiddelde aandachtsniveau van het relevante publiek is volgens de voorzieningenrechter sprake van verwarringsgevaar. EvolutionRE voert aan dat het gemeenschappelijke element ‘EVOLUTI’ beschrijvend is voor vastgoedontwikkeling, waardoor het merk slechts een beperkte beschermingsomvang zou hebben. Dit verweer slaagt niet.

IEF 23959

Uitspraak ingezonden door Bastiaan van den Bogaard (Intellectueeleigendom.nl) en Jan Jacobi (MAAK Advocaten).

EUIPO verklaart merk 123LED gedeeltelijk nietig wegens beschrijvend karakter

EUIPO - OHIM 14 okt 2026, IEF 23959; C 71 716 https://ie-forum.nl/artikelen/euipo-verklaart-merk-123led-gedeeltelijk-nietig-wegens-beschrijvend-karakter

EUIPO 14 oktober 2026, IEF 23959; IEFbe 4367; No C 71 716 (Ledstores Europe tegen 123led). De nietigheidsafdeling van het EUIPO heeft het Uniemerk ‘123LED’ gedeeltelijk nietig verklaard wegens het beschrijvende karakter en het ontbreken van onderscheidend vermogen. Ledstores Europe had de nietigheid gevorderd van het door 123led gehouden woordmerk voor onder meer dimmers, verlichtingsproducten en handelsdiensten. Volgens Ledstores verwijst ‘123’ naar snelheid en gemak, terwijl ‘LED’ de betrokken verlichtingstechnologie beschrijft.

IEF 23936

Afsluiting domeinnaam Crowe Peak tijdens onderhandelingen over merkrechten onrechtmatig

Rechtbank Rotterdam 16 okt 2026, IEF 23936; ECLI:NL:RBROT:2026:14308 (CP tegen HIR), https://ie-forum.nl/artikelen/afsluiting-domeinnaam-crowe-peak-tijdens-onderhandelingen-over-merkrechten-onrechtmatig

Rb. Rotterdam 16 oktober 2026, IEF 23936; ECLI:NL:RBROT:2026:14308 (CP tegen HIR). Crowe Peak (CP), een kantoor van accountants, belastingadviseurs en consultants, was sinds 1999 aangesloten bij Crowe Global, een internationaal samenwerkingsverband van accountantskantoren. CP maakte op grond van een licentieovereenkomst met Horwath International Registration (HIR), een dochtervennootschap van Crowe Global, gebruik van merkrechten en een domeinnaam. Na een wijziging in de aandeelhoudersstructuur van CP wees Crowe Global haar verzoek om voortzetting van het lidmaatschap af. Vervolgens ontstond een geschil over de beëindiging van het lidmaatschap en het verdere gebruik van de aanduiding Crowe en de bijbehorende domeinnaam. Partijen onderhandelden over een overgangsregeling waarbij CP de merkrechten en domeinnaam tot uiterlijk 31 december 2026 tegen betaling zou mogen blijven gebruiken. Zij bereikten echter geen overeenstemming over het automatisch beantwoorden en doorsturen van e-mails na die datum. Nadat CP de voorgestelde vaststellingsovereenkomst niet had ondertekend, schakelde HIR op 12 oktober 2026 de domeinnaam uit. CP vordert in kort geding herstel van de toegang tot de domeinnaam.

IEF 23933

Gerecht EU: verwarringsgevaar tussen MAGORA en GRUPO AGORA voor financiële, vastgoed- en accommodatiediensten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 okt 2026, IEF 23933; ECLI:EU:T:2026:668 (MAGORA), https://ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-verwarringsgevaar-tussen-magora-en-grupo-agora-voor-financiele-vastgoed-en-accommodatiediensten

Gerecht EU 14 oktober 2026, IEF 23933; IEFbe 4354; ECLI:EU:T:2026:668 (MAGORA). Het Gerecht oordeelt over een oppositie tegen de inschrijving van het Uniewoordmerk MAGORA, aangevraagd door Holding Tourisme voor diensten in de klassen 36 en 43, waaronder financiële diensten, vastgoeddiensten en tijdelijke accommodatie. De Spaanse onderneming Agora SA maakte bezwaar tegen de inschrijving op grond van haar oudere Uniebeeldmerk GRUPO AGORA. De oppositieafdeling van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) wees de oppositie gedeeltelijk toe, waarna de kamer van beroep deze beslissing bevestigde wegens verwarringsgevaar in de zin van artikel 8 lid 1 onder b van Verordening (EU) 2017/1001. Holding Tourisme betwistte onder meer de overeenstemming tussen de betrokken diensten en merken. Volgens haar zou het relevante publiek, mede vanwege het hogere aandachtsniveau en de verschillen in betekenis en vormgeving, de merken voldoende van elkaar kunnen onderscheiden.

IEF 23932

Gerecht EU: overdracht merk aan Oekraïense onderneming doet verstreken beroepstermijn niet herleven

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 okt 2026, IEF 23932; ECLI:EU:T:2026:669 (FIND MY CAR), https://ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-overdracht-merk-aan-oekraiense-onderneming-doet-verstreken-beroepstermijn-niet-herleven

Gerecht EU 14 oktober 2026, IEF 23932; IEFbe 4353; ECLI:EU:T:2026:669 (FIND MY CAR). Het Gerecht oordeelt over de niet-ontvankelijkverklaring van een beroep in een procedure tot vervallenverklaring van het woordmerk FIND MY CAR. Apple Inc. had in 2023 bij het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) een vordering tot vervallenverklaring van het merk ingediend wegens het ontbreken van normaal gebruik. De nietigheidsafdeling wees deze vordering toe, waarna merkhouder Mega Pop beroep instelde bij de kamer van beroep van het EUIPO. De schriftelijke uiteenzetting van de gronden van beroep werd echter pas op 13 september 2024 ingediend, terwijl de wettelijke termijn op 30 augustus 2024 was verstreken. Mega Pop beriep zich op een bijzondere termijnverlenging voor partijen met een vestiging in Oekraïne, omdat het merk inmiddels was overgedragen aan de Oekraïense onderneming SOLAR MARKET LLC. De overgang werd op 13 september 2024 in het merkenregister ingeschreven. De kamer van beroep verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de termijn bij die inschrijving al was verstreken en de bijzondere verlenging niet van toepassing was.

IEF 23926

Antargaz kan contractueel optreden tegen merkinbreuken op gasflessen van derden

Rechtbank Den Haag 26 aug 2026, IEF 23926; ECLI:NL:RBDHA:2026:30045 (Antargaz tegen [gedaagde]), https://ie-forum.nl/artikelen/antargaz-kan-contractueel-optreden-tegen-merkinbreuken-op-gasflessen-van-derden

Rb. Den Haag 26 augustus 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:30045 (Antargaz tegen [gedaagde]). In deze zaak tussen Antargaz en [gedaagde] staat de nakoming centraal van een vaststellingsovereenkomst over het navullen van gasflessen en mogelijke inbreuken op merkrechten van derden. Partijen waren al langere tijd verwikkeld in een geschil over het zonder toestemming navullen van gasflessen waarop het merk ANTARGAZ is aangebracht. In maart 2026 sloten zij een vaststellingsovereenkomst waarin [gedaagde] zich onder meer verplichtte om zich te onthouden van vergelijkbare inbreuken op de exclusieve rechten van andere marktpartijen in de gasflessenbranche. Partijen spraken daarnaast af dat Antargaz een camera bij de vulinstallatie mocht plaatsen en bij een redelijk vermoeden van overtreding de beelden onder voorwaarden met andere marktpartijen mocht delen. Na onderzoek door een recherchebureau stelde Antargaz dat [gedaagde] toch gasflessen van onder meer Benegas, Primagaz België en Rijngas navulde. Antargaz vordert daarom nakoming van de vaststellingsovereenkomst, versterkt met een dwangsom, en een voorschot op de schadevergoeding voor de gemaakte onderzoekskosten.

IEF 23914

Gerecht EU: geen verwarringsgevaar tussen DENTEK en dentix ondanks identieke of soortgelijke tandverzorgingsproducten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 7 okt 2026, IEF 23914; ECLI:EU:T:2026:637 (dentix), https://ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-geen-verwarringsgevaar-tussen-dentek-en-dentix-ondanks-identieke-of-soortgelijke-tandverzorgingsproducten

Gerecht EU 7 oktober 2026, IEF 23914, IEFbe 4348; ECLI:EU:T:2026:637 (dentix). Dentek Oral Care heeft oppositie ingesteld tegen de inschrijving van het Uniebeeldmerk ‘dentix’ voor onder meer tandpasta, tandzijde en tandenborstels in de klassen 3 en 21. De oppositie is gebaseerd op twee oudere Uniewoordmerken DENTEK en twee oudere Uniebeeldmerken DenTek. Volgens Dentek Oral Care bestaat verwarringsgevaar in de zin van artikel 8 lid 1 onder b van Verordening (EU) 2017/1001 (UMVo). De oppositieafdeling van EUIPO wees de oppositie toe vanwege verwarringsgevaar bij een deel van het Bulgaarstalige of Griekstalige publiek. De kamer van beroep vernietigde die beslissing en oordeelde dat geen verwarringsgevaar bestond, ook niet voor identieke waren. Het Gerecht onderschrijft het oordeel van de kamer van beroep dat het gemeenschappelijke element ‘dent’ door het relevante publiek in de gehele Europese Unie wordt herkend als een verwijzing naar tandverzorging en daarom een zwak onderscheidend vermogen heeft. Dentek Oral Care heeft onvoldoende onderbouwd dat dit voor het Bulgaarstalige of Griekstalige publiek anders ligt. Hoewel beide tekens uit zes letters bestaan en de eerste vier letters identiek zijn, is de visuele overeenstemming gering. Het geringe onderscheidend vermogen van het gemeenschappelijke element ‘dent’ vermindert namelijk het gewicht van die overeenstemming, terwijl de uitgangen ‘ek’ en ‘ix’ van elkaar verschillen.

IEF 23907

Gebruik e.plus+ niet aangetoond voor SIM-kaarten, maar wel voor telecommunicatiediensten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 30 sep 2026, IEF 23907; ECLI:EU:T:2026:615 (e.plus+), https://ie-forum.nl/artikelen/gebruik-e-plus-niet-aangetoond-voor-sim-kaarten-maar-wel-voor-telecommunicatiediensten

Gerecht EU 30 september 2026, IEF 23907; IEFbe 4345; ECLI:EU:T:2026:615 (e.plus+). ePlus Inc. had verzocht om vervallenverklaring van het Uniebééldmerk e.plus+ van Telefónica Germany wegens het ontbreken van normaal gebruik in de zin van artikel 58 lid 1 onder a UMVo. De nietigheidsafdeling verklaarde het merk vervallen voor alle betrokken waren en diensten en de kamer van beroep liet die beslissing in stand. In beroep beperkte Telefónica haar vordering tot SIM-kaarten in klasse 9 en telecommunicatiediensten in klasse 38. Voor de SIM-kaarten bevestigt het Gerecht het oordeel van de kamer van beroep. De overgelegde bewijsstukken betroffen onder meer starterspakketten, opwaardeertegoeden en prepaidkaarten, maar geen SIM-kaarten als fysieke chips die een abonnee op een mobiel netwerk identificeren en authenticeren. Dat de aangeboden pakketten mogelijk dergelijke SIM-kaarten bevatten, bewijst niet dat e.plus+ overeenkomstig zijn wezenlijke merkfunctie voor die goederen is gebruikt. De consument zal het teken in deze context volgens het Gerecht verbinden met de commerciële herkomst van de telecommunicatiediensten en niet met die van de SIM-kaart als zelfstandig product. De kamer van beroep heeft daarom terecht geoordeeld dat de aard van het gebruik voor SIM-kaarten in klasse 9 niet was aangetoond.

IEF 23906

Verwarringsgevaar tussen MARKETVECTOR INDEXES en VECTOR FUND; normaal gebruik ouder merk voldoende aangetoond

Gerecht EU (voorheen GvEA) 30 sep 2026, IEF 23906; ECLI:EU:T:2026:609 (MARKETVECTOR INDEXES), https://ie-forum.nl/artikelen/verwarringsgevaar-tussen-marketvector-indexes-en-vector-fund-normaal-gebruik-ouder-merk-voldoende-aangetoond

Gerecht EU 30 september 2026, IEF 23906; IEFbe 4344; ECLI:EU:T:2026:609 (MARKETVECTOR INDEXES). Van Eck Associates had de Europese Unie aangewezen voor de internationale registratie van het woordteken MARKETVECTOR INDEXES voor financiële diensten in klasse 36. Vector S.A. stelde oppositie in op basis van het oudere Uniewoordmerk VECTOR FUND en beriep zich op artikel 8 lid 1 onder b UMVo. Nadat Van Eck om bewijs van normaal gebruik had gevraagd, legde Vector onder meer jaarstukken, websiteprints, verklaringen, nieuwsbrieven, artikelen en gegevens over de registratie van fondsen over. Het Gerecht oordeelt dat de kamer van beroep terecht heeft aangenomen dat het oudere merk normaal is gebruikt. Het merk was weliswaar niet in exact dezelfde vorm gebruikt als geregistreerd, maar het gebruik van het element “vector” kan als gebruik van VECTOR FUND gelden. “Fund” is beschrijvend voor de betrokken financiële diensten, zodat het weglaten daarvan het onderscheidend vermogen van het merk niet wijzigt. Ook toevoegingen als “navigator”, “flexible”, “top managers mixed” en “SICAV” veranderen dat onderscheidend vermogen niet, omdat deze elementen beschrijvend zijn voor kenmerken of de rechtsvorm van de betrokken fondsen. Het Gerecht stelt bovendien vast dat “vector” niet uitsluitend als handels- of ondernemingsnaam is gebruikt, maar ook als merk, omdat het teken in de overgelegde stukken zelfstandig de commerciële herkomst van de betrokken financiële diensten aanduidt.

IEF 23916

Gerecht EU: geen nietigheid van merk lightoptics wegens onvoldoende bewijs van ouder auteursrecht en kwade trouw

Gerecht EU (voorheen GvEA) 7 okt 2026, IEF 23916; ECLI:EU:T:2026:644 (lightoptics), https://ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-geen-nietigheid-van-merk-lightoptics-wegens-onvoldoende-bewijs-van-ouder-auteursrecht-en-kwade-trouw

Gerecht EU 7 oktober 2026, IEF 23916; IEFbe 4350; ECLI:EU:T:2026:644 (lightoptics). Salumanus heeft verzocht om nietigverklaring van het Uniebeeldmerk ‘lightoptics’, dat op naam van Heyoptics is ingeschreven voor onder meer glasvezelkabels, elektronische apparatuur en commerciële diensten in de klassen 9 en 35. Volgens Salumanus kan zij zich beroepen op een ouder auteursrecht op een overeenstemmend teken en heeft Heyoptics bij de merkaanvraag te kwader trouw gehandeld. Het verzoek is gebaseerd op artikel 60 lid 2 onder c en artikel 59 lid 1 onder b van Verordening (EU) 2017/1001 (UMVo). De nietigheidsafdeling van EUIPO wees het verzoek af, waarna ook de kamer van beroep oordeelde dat Salumanus onvoldoende had aangetoond dat zij bescherming kon ontlenen aan het Poolse auteursrecht. Het Gerecht bevestigt dat niet is bewezen dat Salumanus het betreffende teken vóór de merkaanvraag van 1 november 2021 heeft gecreëerd. De overgelegde e-mails, overeenkomsten, productfoto's en andere documenten tonen onvoldoende aan wie het teken heeft ontworpen en wanneer dit is gebeurd. Ook het feit dat Salumanus producten met het teken heeft verhandeld, bewijst niet dat zij de maker ervan is. Het Gerecht benadrukt dat degene die zich op een ouder nationaal auteursrecht beroept, onder meer het bestaan en de beschermingsomvang van dat recht en de inhoud van het toepasselijke nationale recht moet aantonen. Omdat Salumanus onvoldoende heeft bewezen dat zij het teken vóór de merkaanvraag heeft gecreëerd, hoeft het Gerecht niet verder te beoordelen of de verstrekte informatie over het Poolse auteursrecht toereikend is. De voor het eerst bij het Gerecht ingediende aanvullende e-mails worden bovendien niet-ontvankelijk verklaard.