IEF 23725
3 augustus 2026
Uitspraak

Ex parte verbod wegens inbreuk op Philips-merken en modelrecht

 
IEF 23723
3 augustus 2026
Uitspraak

Rb. Den Haag: ex parte verbod op handel in Volkswagen ID.6 wegens merkinbreuk

 
IEF 23009
3 augustus 2026
Artikel

Schrijf u hier in voor de gratis wekelijkse nieuwsbrief van IE-Forum

 
IEF 23714

Geen proceskostenveroordeling na intrekking van kwekersrechtelijke vorderingen

Rechtbank Den Haag 15 jul 2026,, IEF 23714; ECLI:NL:RBDHA:2026:19422 ([eiseressen] tegen De logistiek partners), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/geen-proceskostenveroordeling-na-intrekking-van-kwekersrechtelijke-vorderingen

Rb. Den Haag 15 juli 2026, IEF 23714; ECLI:NL:RBDHA:2026:19422 ([eiseressen] tegen De logistiek partners). Eiseres 1 was houdster van het communautaire kwekersrecht voor het plantenras Ofarim, dat door de exclusieve licentienemers onder de naam Green Bell op de markt werd gebracht. In een eerdere bodemprocedure had de rechtbank geoordeeld dat het door het Danziger-concern aangeboden en verhandelde ras Green Dragon onvoldoende van Ofarim afweek en dat daarmee inbreuk werd gemaakt op het kwekersrecht. Eiseressen begonnen vervolgens een kort geding tegen Beauty Line c.s. en verschillende logistieke dienstverleners die betrokken waren bij de verhandeling van Green Dragon. Na de mondelinge behandeling bereikten eiseressen een minnelijke regeling met Beauty Line c.s., waarna de procedure tegen hen werd doorgehaald en het kwekersrecht aan hen werd overgedragen. Eiseressen trokken vervolgens hun inhoudelijke vorderingen tegen de resterende logistieke partners in, maar handhaafden hun vordering tot vergoeding van de proceskosten op grond van artikel 1019h Rv.

IEF 23713

Artikel geschreven door Stefaan Meuwissen, Knowledge Lawyer I.P. bij Hogan Lovells International LLP.

AI roept nieuwe vragen op in domeinnaamgeschillen

Stefaan Meuwissen, 21 juli 2026

Generatieve AI kan binnen enkele seconden een professioneel ogende UDRP-klacht of reactie opstellen, compleet met ogenschijnlijk relevante rechtsleer, gestructureerde juridische argumenten en verwijzingen naar zaken. Dat heeft een voordeel: het kan de praktische drempels voor deelname verlagen en ertoe leiden dat meer verweerders inhoudelijk reageren in plaats van verstek te laten gaan, en door AI ondersteunde reacties zouden uiteindelijk eerder regel dan uitzondering kunnen worden. Er is echter ook een keerzijde. De vloeiendheid en schijnbare autoriteit van door AI gegenereerde tekst kunnen ernstige zwaktes verhullen,waaronder verzonnen gezaghebbende bronnen, onjuiste citaten, irrelevante juridische analyses en feitelijke stellingen waarvoor geen gelijktijdig bestaand bewijs beschikbaar is. AI verandert ook het bewijs waarop partijen zich beroepen. Zoekresultaten, website-inhoud, bedrijfsplannen en waarderingen van domeinnamen kunnen inmiddels allemaal door AI worden gegenereerd. In sommige gevallen maakt het door AI gegenereerde materiaal zelf deel uit van het betwiste gedrag, bijvoorbeeld een website die vrijwel volledig door een geautomatiseerd hulpmiddel is gebouwd en die volgens een partij kwade trouw zou aantonen. Voor advocaten en panelleden is de praktische vraag voortaan zelden of AI is gebruikt. De vraag is of het resulterende stuk of bewijs nauwkeurig, relevant, verifieerbaar en voldoende is om vast te stellen wat de UDRP daadwerkelijk vereist.

IEF 23712

Artikel geschreven door Rudi Holzhauer.

Worden IE-rechthebbenden de dupe van Dupes of van Algemene belangen?

Artikel geschreven door Rudi Holzhauer.

In het eerste BMM bulletin van 2026 bespreken de Rotterdamse advocaten Paul Trapman en Evianne Roos de grenzen die het IE recht stelt aan de handel in dupes. Dupes zijn qua prijs goedkopere duplicaten van originele dure luxe producten. En dat is iets anders dan een namaakproduct. Het is ook geen piraterij in de zin van de EU Anti-piraterijverordening.

Bij namaakproducten is het doel het originele product zo goed mogelijk te imiteren – de vormgeving wordt zo precies mogelijk overgenomen en merk en teken zijn (vrijwel) identiek. Consumenten (of andere derden) kunnen bij namaak in beginsel niet zien dat het niet om het echte product gaat. Een dupe heeft daarentegen juist niet als doel een zogenaamde double identity6 te creëren. De dupe wordt juist gepositioneerd als een betaalbaar alternatief voor een duur luxeproduct. Daarbij worden zoveel mogelijk de stijl, de kenmerken, het design en de eigenschappen van het originele product gekopieerd, maar juist het merk, de logo’s en de precieze branding worden niet overgenomen.7 Ook de juridische definitie van een namaakproduct toont het verschil. Hoewel het Unierecht geen uniforme definitie kent van een namaakproduct,8 wordt in de praktijk veelal aansluiting gezocht bij de definitie die de Douane hanteert op grond van de Anti-piraterijverordening.” (Trapman en Roos, blz. 26)

Zij leggen e.e.a. uit in hun zeer informatieve en IE-degelijke artikel. Niets mis mee. Goede analyses en bijdrage. Zij het wel: van binnenuit. D.w.z. vanuit het nu in Nederland geldende IE-recht. Begrijpelijk natuurlijk, maar … dan haak ik bijna meteen af. Met een glimlach. En wijs ik op al die IE-blabla. En al die negatieve impact op onze economie en daarmee op onze samenleving. Een ander perspectief.

IEF 23711

Uitspraak ingezonden door Xavier Koehoorn, Dillinger Law & Kristien Wevers, GSJ Advocaten.

Argenta moet gegevens rekeninghouder verstrekken voor onderzoek naar mogelijke merkinbreuk

Overig 2 jul 2026,, IEF 23711; A/26/02126 (Volkswagen tegen Argenta Spaarbank), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/argenta-moet-gegevens-rekeninghouder-verstrekken-voor-onderzoek-naar-mogelijke-merkinbreuk

Ondernemingsrechtbank Antwerpen 2 juli 2026, IEF 23711; IEFbe 4266; IT 5391; A/26/02126 (Volkswagen tegen Argenta Spaarbank). In deze zaak vordert Volkswagen dat Argenta Spaarbank wordt bevolen de identiteit en contactgegevens te verstrekken van de houder van een bankrekening waarop inkomsten uit vermeend nagemaakte wieldoppen met het Volkswagen-logo zijn ontvangen. Volkswagen heeft vastgesteld dat dergelijke wieldoppen via 2dehands.be worden verkocht. Uit een door de anti-namaakorganisatie ABAC-BAAN verrichte proefaankoop blijkt dat de betrokken verkoper gebruikmaakt van een bankrekening bij Argenta. Volkswagen verzoekt om verstrekking van de volledige naam, de adresgegevens, het eventuele ondernemingsnummer, het telefoonnummer en het e-mailadres van de rekeninghouder, om te kunnen onderzoeken of sprake is van een inbreuk op haar merkrechten en daartegen zo nodig op te treden. Argenta betwist de vordering tot verstrekking van deze gegevens in essentie niet en gedraagt zich wat dat betreft naar de wijsheid van de rechtbank. Zij verzet zich wel tegen de oplegging van een dwangsom, omdat zij aankondigt het vonnis te zullen naleven.

IEF 23710

Taxi Utrecht Centraal en Taxi Utrecht Centrale maken inbreuk op oudere handelsnamen van UTC

Hof Arnhem-Leeuwarden 18 nov 2025,, IEF 23710; ECLI:NL:GHARL:2025:7443 ([de taxichaffeur] tegen UTC), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/taxi-utrecht-centraal-en-taxi-utrecht-centrale-maken-inbreuk-op-oudere-handelsnamen-van-utc

Hof Arnhem-Leeuwarden 18 november 2025, IEF 23710; ECLI:NL:GHARL:2025:7443 ([de taxichaffeur] tegen UTC). Utrechtse Taxi Centrale B.V. (UTC) exploiteert sinds 1993 een taxibedrijf in Utrecht en omgeving onder de handelsnamen “Utrechtse Taxi Centrale”, “Utrechtse Taxicentrale”, “UTC” en “U.T.C.”. Een andere taxiondernemer exploiteert sinds 2018 in dezelfde regio een taxibedrijf onder de namen “Taxi Utrecht Centraal” en “Taxi Utrecht Centrale”. UTC stelde daarnaast dat hij de handelsnaam “TUC” voerde. De rechtbank verbood het gebruik van alle drie de namen. Het hof verwerpt de processuele bezwaren van de taxiondernemer. Dat hij in eerste aanleg geen inhoudelijk verweer had gevoerd, leidt niet tot terugwijzing, omdat zijn verweren binnen de grenzen van de grieven in hoger beroep alsnog worden beoordeeld en een partij in beginsel geen aanspraak heeft op behandeling in twee feitelijke instanties. Ook de eerder tussen partijen getroffen schikking staat niet aan deze procedure in de weg. In de schikking was uitdrukkelijk bepaald dat de finale kwijting geen betrekking had op de eerder aangekondigde eiswijziging over “Taxi Utrecht Centraal”, “Taxi Utrecht Centrale” en “TUC”. Verder valt het oordeel van de rechtbank dat de eerste twee handelsnamen misleidend zijn buiten de door de grieven ontsloten rechtsstrijd, omdat de taxiondernemer alleen het verwarringsgevaar en niet het misleidende karakter had bestreden. Die zelfstandig dragende grond voor het verbod staat in hoger beroep daarom vast.

IEF 23709

Bank mag zakelijke borgtocht volledig uitwinnen en hoefde geen pandrecht op IE-rechten te bedingen

Hof Amsterdam 7 jul 2026,, IEF 23709; ECLI:NL:GHAMS:2026:1832 ([appellant] tegen de bank), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/bank-mag-zakelijke-borgtocht-volledig-uitwinnen-en-hoefde-geen-pandrecht-op-ie-rechten-te-bedingen

Hof Amsterdam 7 juli 2026, IEF 23709; ECLI:NL:GHAMS:2026:1832 ([appellant] tegen de bank). Een medebestuurder en aandeelhouder van SCF-Solutions B.V. stelde zich tegenover ABN AMRO borg voor de verplichtingen van SCF uit een kredietovereenkomst. Zijn aansprakelijkheid was gemaximeerd op € 250.000, te vermeerderen met de door SCF verschuldigde rente en de invorderingskosten. Nadat de bank de kredietovereenkomst op 31 maart 2014 had opgezegd en SCF op 10 april 2014 failliet was verklaard, bleef een deel van de kredietschuld onbetaald. De bank sprak de borg op 17 april 2015 aan tot betaling van het maximumbedrag. Toen betaling uitbleef, liet zij in 2016 na verlof van de Belgische beslagrechter beslag leggen op zijn roerende zaken en werd tijdelijk een sekwester aangesteld. De Rechtbank Amsterdam veroordeelde de borg tot betaling van € 250.000, vermeerderd met rente en kosten. In hoger beroep voerde hij aan dat de Belgische beslaglegging onzorgvuldig en onrechtmatig was, dat de bank haar zorgplicht had geschonden door geen pandrecht op de IE-rechten van SCF te bedingen en dat het aanspreken van de borg naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was. Het hof is op grond van de tussen partijen gesloten forumkeuzeovereenkomst bevoegd en past vanwege de rechtskeuze in de borgtochtovereenkomst Nederlands recht toe. Omdat de geldigheid van de borgtocht en de tekortkoming van SCF vaststaan, mocht de bank haar zekerheden, waaronder de borgtocht, in beginsel uitwinnen.

IEF 23708

Artikel geschreven door Bas Kist, Chiever.

Nike door 7-Eleven aangeklaagd voor merkinbreuk

Bas Kist, 16 juli 2026

Dat moet toch een beetje vreemd voelen voor het grote Nike: maak je nu eens niet zélf jacht op een na-aper, maar beticht een ander joú van merkinbreuk. Op 11 juli wilde Nike zijn nieuwe sneaker Air Max 95 in de kleuren oranje, groen en rood groots lanceren. Echter, daar heeft winkelketen 7-Eleven nu een stokje voor gestoken. Oranje, groen en rood is van ons, zo stelt het bedrijf in de aanklacht die het indiende bij de rechtbank in Texas. Nike voelt blijkbaar nattigheid en heeft de lancering van de nieuwe schoen maar even on hold gezet.

IEF 23707

Rapper verbeurt € 90.000 aan dwangsommen wegens TikTok-fragment met minderjarig kind

Rechtbank Den Haag 29 jun 2026,, IEF 23707; ECLI:NL:RBDHA:2026:17586 ([eiser] tegen [gedaagde]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rapper-verbeurt-90-000-aan-dwangsommen-wegens-tiktok-fragment-met-minderjarig-kind

Rb. Den Haag 29 juni 2026, IEF 23707; IT 5382; ECLI:NL:RBDHA:2026:17586 ([eiser] tegen [gedaagde]). In deze zaak vordert eiser, een rapper, staking van de executie van dwangsommen die hij volgens gedaagde heeft verbeurd doordat een TikTok-fragment met beeldmateriaal van haar minderjarige kind online is blijven staan. In een eerder kort geding van 23 april 2026 is eiser veroordeeld om alle foto’s, video’s en enig ander herkenbaar beeldmateriaal van het kind van zijn sociale media te verwijderen en verwijderd te houden. Het bevel omvat uitdrukkelijk een videoclip waarin op de telefoon van eiser een foto van hem met het kind zichtbaar is. Aan het bevel is een dwangsom verbonden van € 5.000 per dag of dagdeel dan wel, naar keuze van gedaagde, per overtreding, met een maximum van € 250.000. Het vonnis is op 29 april 2026 betekend. Een fragment van de betreffende videoclip blijft daarna op het TikTok-account van eiser staan en wordt pas op 18 mei 2026 definitief verwijderd. Op 13 mei 2026 laat gedaagde eiser bevel doen tot betaling van € 60.000 aan op dat moment opgeëiste dwangsommen en laat zij bankbeslag leggen. Over de volledige periode van 1 tot en met 18 mei 2026 stelt zij zich op het standpunt dat eiser in totaal € 90.000 aan dwangsommen heeft verbeurd. Eiser vordert primair opheffing van de beslagen, staking van de executie en terugbetaling van reeds geïnde bedragen. Subsidiair vordert hij de executie op nihil te stellen, te beperken tot de periode tot en met 3 mei 2026 of tot een lager bedrag. Meer subsidiair vordert hij de executie te schorsen totdat in een bodemprocedure onherroepelijk is vastgesteld of en tot welk bedrag dwangsommen zijn verbeurd. Volgens eiser valt het TikTok-fragment niet onder het eerdere verwijderingsbevel. Daarnaast stelt hij dat hij het fragment na een waarschuwing van gedaagde op 3 mei 2026 heeft verwijderd, maar dat het door een technische fout of storing bij TikTok zichtbaar is gebleven of opnieuw online is verschenen. Hij beroept zich op onmogelijkheid tot nakoming in de zin van art. 611d Rv en op misbruik van executiebevoegdheid.

IEF 23706

Hof bevestigt verbod op gebruik van solcasino.io wegens merkinbreuk

Antilliaanse Gerechten 16 jun 2026,, IEF 23706; ECLI:NL:OGHACMB:2026:188 (XYZ Entertainment tegen Galaktika en Unionstar), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hof-bevestigt-verbod-op-gebruik-van-solcasino-io-wegens-merkinbreuk

Gemeenschappelijk Hof van Justitie 16 juni 2026, IEF xxx; ECLI:NL:OGHACMB:2026:188 (XYZ Entertainment tegen Galaktika en Unionstar). In dit kort geding verzetten Galaktika en Unionstar zich tegen het gebruik van de domeinnaam <solcasino.io> door XYZ Entertainment voor het aanbieden van online casinodiensten. Galaktika beschikt sinds 2020 in Curaçao over het woordmerk SOL en een beeldmerk met de woordelementen SOL CASINO. Unionstar beschikt over een bij het EUIPO geregistreerd beeldmerk en woordmerk SOL CASINO. De voorgangster van XYZ lanceert de domeinnaam <solcasino.io> in december 2021, waarna XYZ deze overneemt en gebruikt voor haar online casinodiensten. Nadat Galaktika c.s. XYZ sommeren het gebruik te staken, registreert Galaktika in december 2024 ook het woordmerk SOL CASINO in Curaçao. Het Gerecht beveelt XYZ iedere inbreuk op de rechten van Galaktika c.s. op het woord- en beeldmerk SOL CASINO, in het bijzonder door het gebruik van <solcasino.io>, te staken. Het wijst de reconventionele vorderingen van XYZ om Galaktika c.s. het gebruik van SOL CASINO en verzoeken aan Google tot verwijdering van solcasino.io te verbieden af.

IEF 23705

Dertig maanden gevangenisstraf voor openen bankrekeningen met deepfakes

Rechtbank Amsterdam 17 jun 2026,, IEF 23705; ECLI:NL:RBAMS:2026:6093 (Openbaar Ministerie tegen [verdachte]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/dertig-maanden-gevangenisstraf-voor-openen-bankrekeningen-met-deepfakes

Rb. Amsterdam 17 juni 2026, IEF 23705; IT 5373; ECLI:NL:RBAMS:2026:6093 (Openbaar Ministerie tegen [verdachte]). De verdachte opent tussen 20 maart en 13 november 2025 op frauduleuze wijze 47 bankrekeningen bij ABN AMRO. Tijdens het digitale identificatie- en verificatieproces gebruikt hij gemanipuleerde selfies en identiteitsdocumenten om de controles van de bank te omzeilen. Daarbij worden onder meer met deepfaketechnologie gezichtskenmerken van de verdachte en van slachtoffers gecombineerd. Op zijn telefoon worden identiteitsgegevens van slachtoffers aangetroffen, evenals informatie, zoekopdrachten en aankopen die verband houden met het omzeilen van digitale identiteitscontroles. De rechtbank acht zijn verklaring dat hij vóór 28 september 2025 niet wist waarvoor zijn beeldmateriaal en de gegevens werden gebruikt ongeloofwaardig. De oplichting is voltooid doordat ABN AMRO de rekeningen heeft geopend en daarmee een dienst heeft verleend; dat enkele betaalpassen niet zijn geactiveerd, doet daaraan niet af. De verdachte wordt als alleenpleger veroordeeld voor oplichting, het vervalsen van meerdere identiteitsbewijzen en het verschaffen en voorhanden hebben van afbeeldingen van identiteitsdocumenten waarvan hij wist dat zij voor oplichting waren bestemd. Van het ten laste gelegde medeplegen wordt hij vrijgesproken, omdat geen voldoende nauwe en bewuste samenwerking met een ander is bewezen.