IEF 21216
7 februari 2023
Uitspraak

IE-beding overtreden met het aanvragen van het octrooi

 
IEF 21215
7 februari 2023
Uitspraak

Rechter beslist over inbreuk op merkrechten en auteursrechten

 
IEF 21214
6 februari 2023
Uitspraak

Enkel de springtafel geniet auteursrechtelijke bescherming

 
IEF 21133

EU-woordmerk terecht nietig verklaard

Gerecht EU (voorheen GvEA) 30 nov 2022, IEF 21133; ECLI:EU:T:2022:738 (Mendes tegen EUIPO), https://ie-forum.nl/artikelen/eu-woordmerk-terecht-nietig-verklaard

Gerecht EU 30 november 2022; IEF 21133, IEFbe 3590; T‑678/21, ECLI:EU:T:2022:738 (Mendes tegen EUIPO) Op 20 juni 2017 heeft interveniënte, Actial Farmaceutica, bij het EUIPO een vordering tot nietigverklaring ingesteld van het EU-merk dat was ingeschreven ingevolge een door Mendes op 29 maart 2013 ingediende aanvraag voor het woordteken VSL3TOTAL. Actial Farmaceutica heeft namelijk eerder het EU-merk VSL#3 ingeschreven. Op 26 mei 2020 heeft de nietigheidsafdeling de vordering tot nietigverklaring toegewezen. De kamer van beroep oordeelt dat er gevaar is voor verwarring. Het Gerecht oordeelt dat de betrokken tekens visueel en fonetisch bovengemiddeld overeenstemmen, begripsmatig stemmen de tekens weinig overeen. De kamer van beroep heeft geen beoordelingsfout gemaakt door te concluderen dat er bij het relevante publiek gevaar voor verwarring tussen de conflicterende merken bestaat.

IEF 21132

VMC Studiemiddag 9 december 2022

Vrijdagmiddag 9 december 2022, 14.00-17.00 uur, aansluitend een borrel (tot 18.30 uur)
Trippenhuis, Kloveniersburgwal 29, 1011 JV Amsterdam


De houdbaarheid van het huidige publieke omroepbestel staat binnen en buiten de sector (weer) volop ter discussie. Verschillende ontwikkelingen hebben deze discussie aangewakkerd. Het aanbreken van een nieuwe erkenningsperiode op 1 januari 2022 met twee opvallende nieuwkomers heeft voor veel aandacht gezorgd. Verschillende adviseurs (de Raad voor Cultuur, de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) en het Commissariaat voor de Media) hebben zich in hun adviezen aan de minister ter voorbereiding op de erkenningen al kritisch uitgelaten over de erkenningscriteria. Maar ook bij het bestel als geheel werden vraagtekens gezet.

Alhoewel de houdbaarheid van het bestel geen nieuwe discussie is, wordt deze wel ingekleurd door de huidige tijd en versterkt door de daarbij horende ontwikkelingen. De toenemende polarisatie is nu zelfs binnen de publieke omroep te zien. ‘Pluriformiteit’, ‘kwaliteit’ en ‘samenwerking’ zijn allemaal termen terug te vinden in de publieke media-opdracht. Hoe realistisch is dat in een tijd van een polariserend medialandschap?

De grenzen van het recht op vrijheid van meningsuiting van een publieke omroep, de criteria voor een erkenning tot het publieke bestel en het belang van een publieke omroep in onze huidige maatschappij zijn allemaal onderwerpen die we vanuit verschillende perspectieven willen belichten tijdens de VMC-studiemiddag van 9 december 2022.

Zoals gebruikelijk zullen drie sprekers verschillende aspecten hiervan toelichten. Er is uiteraard ruimte voor het stellen van vragen en discussie. Sprekers zijn in ieder geval:

Onze eerste spreker Ronald Vecht, hoofd juridische zaken bij de NPO, zal ons meer vertellen over de historie van de publieke omroep, hoe we tot dit stelsel zijn gekomen en hoe bijvoorbeeld het proces van de omroeperkenningen eens in de vijf jaar verloopt. Ook zal hij ons meenemen in eerdere discussies over de houdbaarheid van het publieke bestel.

Vervolgens zal Sara Blink, beleidsadviseur bij het Commissariaat voor de Media, mogelijke toekomstperspectieven voor het landelijke publieke omroepbestel bespreken. Ze zal de reflectie ‘Kijk verder’ toelichten die het Commissariaat eerder dit jaar publiceerde.

Tot slot zal Wouter Hins, Emeritus-hoogleraar Metajuridica aan de Universiteit Leiden, zich richten op het heden. Vanuit een grondrechtelijk perspectief neemt hij de huidige ontwikkelingen en actualiteiten onder de loep.

De studiemiddag wordt in goede banen geleid door ons nieuwe VMC-bestuurslid: Lotte van den Bosch. Na de individuele presentaties volgt er een paneldiscussie waarbij het publiek uiteraard wordt uitgenodigd om mee te discussiëren.

De inloop voor de Studiemiddag begint om 14.00. Het inhoudelijke deel van de Studiemiddag begint om 14.30 en wordt voorafgegaan door een ALV voor de leden van de VMC (aanvang: 14.15 uur). De stukken voor de ALV worden nog nagezonden. Het inhoudelijke deel duurt tot 17:00 uur. Daarna volgt een borrel.

Aanmelding kan door een e-mail te sturen aan studiemiddag@mediaforum.nl. Deelname is voor VMC-leden en studenten gratis. Niet-leden betalen € 35,-.

Indien u advocaat bent kunt u een deelname-certificaat krijgen om de gevolgde Studiemiddag voor twee opleidingspunten te kunnen opgeven bij de NOvA.

IEF 21131

Uitspraak ingezonden door Bertil van Kaam, Van Kaam.

Vorderingen MFR verjaard

Hof Amsterdam 18 okt 2022, IEF 21131; ECLI:NL:GHAMS:2022:2961 (MFR tegen AvroTROS c.s.), https://ie-forum.nl/artikelen/vorderingen-mfr-verjaard

Hof Amsterdam 18 oktober 2022, IEF 21131, IT 4171; ECLI:NL:GHAMS:2022:2961 (MFR tegen AVROTROS) Eiser is bedenker van de BioStabil 2000 en heeft dit samen met MFR geproduceerd en op de markt gebracht. De BioStabil is een zilveren of gouden ketting met hanger. De ketting zou genezende werking hebben door magnetisme en werd te koop aangeboden. AVROTROS besteedde op 8 maart 2004 aandacht aan de BioStabil in het televisieprogramma Radar in een van haar uitzendingen. Over deze uitzending is reeds veelvuldig geprocedeerd, waarbij telkens geoordeeld werd dat de uitzending niet onrechtmatig was.

Het vonnis in eerste aanleg [IEF 19703] wordt in hoger beroep bekrachtigd. Het hof oordeelt dat de kennis van Santanera gelijk te stellen valt aan die van MFR. Hiervan uitgaande komt het hof evenals de rechtbank tot het oordeel dat de vorderingen van MFR zijn verjaard. Daarnaast zijn door MFR geen (nieuwe) feiten en omstandigheden gesteld die rechtens kunnen leiden tot een ander oordeel.

IEF 21130

Gemeenschapsmodel onterecht nietig verklaard

HvJ EU 30 nov 2022, IEF 21130; ECLI:EU:T:2022:739 (ADS L. Kowalik, B. Włodarczyk tegen EUIPO), https://ie-forum.nl/artikelen/gemeenschapsmodel-onterecht-nietig-verklaard

Gerecht EU 17 november 2022; IEF 21130, IEFbe 3589;T‑611/21, ECLI:EU:T:2022:739 (ADS L. Kowalik, B. Włodarczyk tegen EUIPO) Op 7 december 2017 heeft verzoekster bij het EUIPO een aanvraag tot inschrijving van een gemeenschapsmodel ingediend, op dezelfde is het litigieuze model ingeschreven. Op 20 mei 2019 heeft de andere partij in de procedure bij de kamer van beroep van het EUIPO een vordering tot nietigverklaring van het litigieuze model ingesteld. Op 6 april 2020 heeft de nietigheidsafdeling de vordering tot nietigverklaring afgewezen. Op 27 mei 2020 heeft de andere partij bij het EUIPO beroep ingesteld tegen de beslissing van de nietigheidsafdeling. Bij de bestreden beslissing heeft de derde kamer van beroep van het EUIPO het beroep toegewezen, de beslissing van de nietigheidsafdeling vernietigd en het litigieuze model nietig verklaard. Verzoekster verzoekt het Gerecht deze beslissing van de kamer van beroep te vernietigen. Het Gerecht vernietigt de beslissing van de kamer van beroep.

IEF 21129

Geen tekortkoming in de nakoming licentieovereenkomst

Hof Den Haag 31 mei 2016, IEF 21129; ECLI:NL:GHDHA:2016:4416 (appellant tegen Harbour c.s. en Erasmus c.s.), https://ie-forum.nl/artikelen/geen-tekortkoming-in-de-nakoming-licentieovereenkomst

Hof Den Haag 31 mei 2016, IEF 21129, LS&R 2139; ECLI:NL:GHDHA:2016:4416 (appellant tegen Harbour c.s. en Erasmus c.s.) Appellant en Erasmus hebben samengewerkt aan de ontwikkeling van technieken om bepaalde antilichamen te produceren voor medische toepassing. Deze samenwerking heeft geleid tot de uitvinding van drie nieuwe technieken. Voor deze technieken zijn octrooien aangevraagd, die inmiddels zijn verleend. Appellant en Erasmus zijn gezamenlijk eigenaar van deze rechten. In 2006 is Harbour opgericht met het doel om de technieken van de octrooiportefeuille verder te ontwikkelen en commercieel te exploiteren. Appellant en Erasmus werden met achtereenvolgens 18,63% en 51,16% van de Harbour-aandelen de twee grootste aandeelhouders van Harbour. Appellant en Erasmus hebben in 2006 aan Harbour een exclusieve licentie verleend op de octrooiportefeuille. Op 3 mei 2011 is tussen Harbour, Erasmus MC en appellant een nieuwe licentieovereenkomst (hierna: de L-OK) gesloten die is aangegaan met terugwerkende kracht tot 28 december 2009. Bij brief en per e-mail van 18 juli 2014 heeft appellant Harbour en Erasmus c.s. in gebreke gesteld wegens tekortkomingen in de nakoming van hun verplichtingen uit de L-OK en deze overeenkomst met ingang van die datum buitengerechtelijk ontbonden.

IEF 21128

HvJ EU: Impexeco en PI Pharma tegen Novartis

HvJ EU 17 nov 2022, IEF 21128; ECLI:EU:C:2022:894 (Impexeco en PI Pharma tegen Novartis), https://ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-impexeco-en-pi-pharma-tegen-novartis

HvJ EU 17 november 2022; IEF 21128, LS&R 2138, IEFbe 3588; C‑253/20 en C‑254/20, ECLI:EU:C:2022:894 (Impexeco en PI Pharma tegen Novartis) In deze samengevoegde zaak willen Impexeco en PI Pharma beide een geneesmiddel op de markt brengen, maar dit wordt belet door Novartis omdat zij gebruik maakt van verschillende verpakkingen en verschillende merken voor hetzelfde product. Impexeco en PI Pharma betogen dat het verzet van een merkhouder tegen het opnieuw aanbrengen van een merk door een parallelimporteur een belemmering van de handel tussen de lidstaten vormt die leidt tot kunstmatige afscherming van de markten van de lidstaten, wanneer het opnieuw aanbrengen van een merk noodzakelijk is voor deze importeur om de betrokken producten in de lidstaat van invoer te kunnen verhandelen. Deze rechtspraak kan worden toegepast op de situatie waarin een generiek geneesmiddel wordt hermerkt door het aanbrengen van het merk van het referentiegeneesmiddel, wanneer deze geneesmiddelen door economisch verbonden ondernemingen in de EER in de handel zijn gebracht. Novartis meent dat de betreffende rechtspraak niet kan worden toegepast wanneer een parallelimporteur overgaat tot hermerking van de betrokken waren.

IEF 21126

Eetcafé maakt inbreuk op handelsnaamrecht en merkenrecht

Rechtbank Overijssel 30 nov 2022, IEF 21126; ECLI:NL:RBOVE:2022:3632 (Yam Yam tegen gedaagde), https://ie-forum.nl/artikelen/eetcafe-maakt-inbreuk-op-handelsnaamrecht-en-merkenrecht

Rechtbank Overijssel 30 november 2022, IEF 21126; ECLI:NL:RBOVE:2022:3632 (Yam Yam tegen gedaagde) Yam Yam exploiteert sinds 2005 onder die handelsnaam een eetcafé in Hengelo en heeft recent haar naam laten inschrijven in het merkenregister. Gedaagde heeft in maart 2021 een eetcafé geopend in Rijssen met de naam Yam Yam Rijssen en Yam Yam Italian kitchen & grill. Yam Yam vindt dat gedaagde daarmee inbreuk maakt op haar handelsnaamrecht en merkenrecht en wil verboden op het gebruik van de naam en schadevergoedingen van gedaagde. De rechtbank oordeelt dat gedaagde met de handelsnamen Yam Yam Rijssen, Italian kitchen Yam Yam grill en Yam Yam italian kitchen & grill Rijssen inbreuk maakt op zowel het handelsnaamrecht als het merkrecht van Yam Yam. De vorderingen tot schadevergoedind worden afgewezen omdat Yam Yam onvoldoende heeft gemotiveerd dat zij schade heeft geleden en nog steeds lijdt als gevolg van de inbreuken die gedaagde heeft gemaakt.

IEF 21124

Opmerkingen van Willem Hoyng, HOYNG ROKH MONEGIER.

Opmerkingen naar aanleiding van jurisprudentielunch octrooirecht

Naar aanleiding van de jurisprudentielunch octrooirecht van woensdag 30 november heeft Willem Hoyng een vijftal opmerkingen ingestuurd:

1. Tijdens de jaarlijkse octrooijurisprudentie bespreking heb ik gewaarschuwd voor het feit dat een opt out lang niet altijd gevolgd zal kunnen worden door een opt inaangezien een derde die het octrooi vreest wel heel makkelijk een opt in onmogelijk kan maken door bijvoorbeeld een nietigheidsprocedure te beginnen en dat het daarbij niet nodig is dat die nietigheidsprocedure ook met een vonnis eindigt maar dat het effect ook wordt bereikt door het na aanhangig maken intrekken van de procedure etc.

IEF 21123

Uitspraak ingezonden door Marjolein Driessen, Legaltree.

Niet-normaal gebruik merk en oudere handelsnaam

Rechtbank Den Haag 30 nov 2022, IEF 21123; (M&V tegen EGL), https://ie-forum.nl/artikelen/niet-normaal-gebruik-merk-en-oudere-handelsnaam

Rechtbank Den Haag 30 november 2022, IEF 21123; C/09/625476 / HA ZA 22-185 (M&V tegen EGL) M&V is een financier van horecaondernemingen en heeft in 2012 een keten van Argentijnse steakhouserestaurants met de naam 'Gauchos' overgenomen. M&V is houder van een vijftal Beneluxmerken met betrekking tot Gauchos; drie woordmerken en twee beeldmerken. In 2018 is de B.V. EGL opgericht door David. Davids, inmiddels, eenmanszaak El Gaucho is ingebracht in EGL. David maakt sinds 1984 gebruikt van de naam 'El Gaucho' en een bijbehorend logo. Er is geen akte opgemaakt om de handelsnaam van de eenmanszaak aan de B.V. over te dragen. M&V meent dat EGL inbreuk maakt op haar merkenrechten. EGL meent dat haar handelsnaamrechten ouder zijn dan de merkenrechten van M&V. M&V vordert EGL ieder gebruik van 'El Gaucho' en het bijbehorend logo te staken. EGL vordert in reconventie de twee beeldmerkregistraties van M&V vervallen te verklaren. De rechtbank oordeelt dat van de twee beeldmerken gedurende een ononderbroken periode van vijf jaar geen normaal gebruik is gemaakt, de beide beeldmerken worden vervallen verklaard.