Rb. Den Haag wijst claim op mede-eigendom van LinXis-octrooien af
Rb. Den Haag 22 april 2026, IEF23538; ECLI:NL:RBDHA:2026:9754 (LinXis tegen [partij 1] en [partij 2]). De Rechtbank Den Haag oordeelt in dit geschil tussen biotechbedrijf LinXis en voormalig bestuurder en consultant [partij 1] dat [partij 1] geen aanspraak kan maken op een aandeel in de octrooifamilies van LinXis. In de latere managementovereenkomsten ontbraken weliswaar expliciete IE‑overdrachtsclausules, maar volgens de rechtbank laten de afspraken en de samenwerking tussen partijen zien dat de octrooirechten bij LinXis liggen. [partij 1] werkte sinds 2015 via verschillende vennootschappen voor LinXis als patent consultant en later als CBO, CFO en CEO. In de eerste managementovereenkomst uit 2015 stond een expliciete IE‑overdrachtsclausule. Die bepaling ontbrak in de overeenkomsten uit 2017 en 2019. Tijdens de samenwerking vroeg LinXis meerdere octrooifamilies aan, waarbij [partij 1] deels als uitvinder stond vermeld. Volgens [partij 1] lieten de latere overeenkomsten bewust ruimte voor eigen IE‑rechten en een latere vergoeding voor overdracht. De rechtbank volgt hem daarin niet. De rechtbank vindt het logisch dat LinXis als biotechonderneming alle IE‑rechten binnen het bedrijf wilde houden. Ook weegt mee dat [partij 1] in subsidie‑ en financieringsdocumenten namens LinXis sprak van “solely owned patent applications”. Daarnaast maakten partijen geen concrete afspraken over een aparte vergoeding voor IE‑overdracht. Omdat [partij 1] de overeenkomsten zelf namens beide partijen ondertekende, had hij volgens de rechtbank eventuele mede‑eigendomsrechten expliciet moeten vastleggen. De rechtbank verklaart zowel LinXis als [partij 1] niet‑ontvankelijk in hun vorderingen over het uitvinderschap wegens gebrek aan belang (Art. 3:303 BW). Ook als [partij 1] mede‑uitvinder is, betekent dat volgens de rechtbank nog niet dat hij recht heeft op de octrooien. De rechtbank wijst ook het verzoek af om [partij 1] uit de octrooiregisters te verwijderen. LinXis stemde eerder zelf in met zijn vermelding als uitvinder en maakte onvoldoende duidelijk welk nadeel dat nu oplevert.