Ondertussen in Krasnapolsky
Zelfs referenties aan oude lullen en rollators konden het verjaardagsfeestje van de IER niet verstoren. Prettige ambiance, uitstekend buffet, goede en onderhoudende sprekers, sociaal zeer aangenaam en om zes uur afgelopen. Kortom, alles wat je verwacht van een feestje van een twintigjarige.
Thema van de dag was de toekomst van het IE-recht. En hoewel alle sprekers daar wel iets interessants over wisten te vertellen, viel vooral Erik Nooteboom op met echte nieuwtjes uit betrouwbare bron. Erik Nooteboom is het hoofd van de afdeling Industriële Eigendom van het DG Interne Markt van de Europese Commissie en één van de vijftig most influential people in IP.
Volgens Nooteboom:
- leidt het succes van het Gemeenschapsmodel tot het verdwijnen van de nationale modellenbureaus.
- is merk- en modelregistratie een ‘money-printing machine’. In verhouding tot de gemaakte kosten zijn de inkomsten van het OHIM zo hoog dat de recente prijsverlaging zeker niet de laatste is. De taksen voor Gemeenschapsmerken en Gemeenschapsmodellen zullen naar verwachting fors omlaag gaan.
-zal de EU naar verwachting binnen 18 maanden toetreden tot de Overeenkomst van Den Haag, waardoor het hele internationale modellensysteem een enorme vlucht zal nemen.
-zal de (gerechtvaardigde) discussie over wereldwijde uitputting binnenkort weer opgerakeld worden, waarbij het zeer goed denkbaar is dat het huidige systeem van communautaire uitputting plaats zal moeten maken voor een systeem van wereldwijde uitputting.
- zitten de meeste rechters van het GvEA en het HvJ niet echt te wachten op al die oninteressante OHIM zaken. Omdat de werkdruk door deze zaken en door administratiefrechtelijke zaken ook nog eens te groot dreigde te worden, is men binnen de EU serieus bezig geweest met het oprichten van een op het Verdrag van Nice gebaseerd gespecialiseerd panel dat zich uitsluitend met merkenrechtelijke aangelegenheden zou gaan bezighouden. Maar omdat het aantal rechters bij het HvJ /GvEA door de uitbreiding van de EU in een keer fors toenam en ook de administratiefrechtelijke zaken een eigen panel toegewezen kregen, bleek de werkdruk zodanig te zijn afgenomen dat het plan voor het gespecialiseerde merkenpanel weer is afgeblazen. Arme rechters.
Uit het FD van 29 oktober: De favoriete websites van Tim Erpenbeek de Wolff, directeur van auteursrechtorganisatie Beeldrecht.
Voorzieningenrechter Rechtbank Rotterdam, 18 oktober 2005, LJN: AU5259. Hajenius & Ritmeester tegen de Minister van VWS. Rechtbank kan geen duidelijkheid verschaffen over de rechtmatigheid van bepaalde handhavingspraktijken met betrekking tot het verbod op tabaksreclame.
Arrest in Talpa tegen TV 10, in aansluiting op
Rechtbank Den Haag, 26 oktober 2005, zaaknr. 182466. Polo/Ralph Lauren & Timberland tegen Trio Bakker Sport c.s. Drie gedaagden die allen in (een bepaalde) relatie tot elkaar staan wordt inbreuk ter kwade trouw op de merkrechten van eisers verweten.
Een geanominiseerd portretrecht-vonnis van de Rechtbank Den Haag van 26 oktober 2005. Leraar A poseerde voor een amateurschildersgroep welke onder leiding stond van B. B vroeg na afloop van de posseersessie of hij foto's van A mocht maken. De verklaring van B aan A voor het maken van de foto's was dat het lesmateriaal betrof om de betreffende naaktstudies van A op een andere avond af te kunnen maken. A heeft hiervoor toestemming verleend. De foto van A is vervolgens door B op zijn website te koop aangeboden. De naakt foto van A is vervolgens op de school waar hij lesgeeft gaan circuleren.
Adformatie nr. 43 bericht dat Van Tilburg Mode ontstemd is over de nieuwe reclamecampagne van C&A waarin de nieuwe pay-off ‘Mooi… van C&A’ wordt geïntroduceerd. De pay-off ‘Mooi van…’ wordt echter al 14 jaar lang gebruikt door Van Tilburg Mode. Directeur Peter van Tilburg vindt dat C&A zich maar moet houden aan de oorspronkelijke pay-off: ‘C&A is toch voordeliger’ en ziet de na-aperij van C&A niet als een compliment. Wordt wellicht vervolgd.
Uit een overzicht van ingezonden brieven aan Fanny & Alma, een wekelijkse rubriek in het Parool (tentamenvraag: denkt deze acteur terecht dat hij een zaak heeft?): “Dames, Ik heb in de PS van de Week van 27 november 2004, op bladzijde 20 en 2, een interview gelezen van uw hand met ‘Sinterklaas”. Mijns inziens banale vragen en banale antwooorden. Ik acteer elk jaar als de Amsterdamse Sinterklaas, u plaatst een foto van mij als Sinterklaas en wekt daarmee de stellige suggestie dat ik degene ben die de antwoorden heb gegeven. Dit is niet het geval en u schaadt mijn aanzien hiermee. Ik neem hiermee geen genoegen en onderneem juridische stappen tegen u. A. (Parool, 29 oktober 2005)