Conclusie A-G Szpunar over culturele besteding van thuiskopie- en leenrechtvergoedingen door CBO’s
Conclusie A-G 26 februari 2026, IEF 23315; ECLI:EU:C:2026:123 (Verwertungsgesellschaft Wort (VG Wort) tegen TL). Deze zaak betreft de Duitse collectieve beheersorganisatie VG Wort, die onder meer vergoedingen int uit hoofde van de thuiskopie-exceptie en de openbare uitlening van werken. In het hoofdgeding is aan de orde of VG Wort in de periode van 1 januari 2016 tot en met 30 september 2019 een klein deel van deze inkomsten mocht bestemmen voor het Förderungsfonds Wissenschaft (FFW), een door VG Wort gecontroleerd fonds dat wetenschap en wetenschappelijke publicaties ondersteunt. Volgens de verwijzingsbeslissing werd de subsidie aan het FFW bekostigd uit inhoudingen op inkomsten uit de compensatie voor privékopieën en de vergoeding voor openbare uitlening van wetenschappelijke, technische en gespecialiseerde werken; in de litigieuze periode ging het om 0,51% van de door VG Wort geïnde inkomsten. Auteurs TL en OS stelden dat hun uitkeringen daardoor onrechtmatig waren verlaagd. De Bundesgerichtshof heeft het Hof van Justitie daarom gevraagd of het Unierecht eraan in de weg staat dat een collectieve beheersorganisatie een deel van de inkomsten uit de billijke compensatie voor privékopieën en de vergoeding voor openbare uitlening aanwendt voor culturele activiteiten, ook wanneer die activiteiten mede ten goede kunnen komen aan personen die geen auteursrechthebbenden zijn.