Gerecht Curaçao: Kortijn moet onrechtmatig aanhaken bij LOVERS-merk staken
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 8 september 2026, IEF 23818; ECLI:NL:OGEAC:2026:177 (Liusa tegen Kortijn). Het Gerecht oordeelt in kort geding over een geschil tussen Lovers Industrial U.S.A. LLC (Liusa) en Packers Provisions Curaçao N.V. (Kortijn) na de overname door Kortijn van de activa van de failliete Lovers Industrial Corporation B.V. (Lic). Partijen stellen over en weer rechthebbende te zijn op het LOVERS-merk en aanverwante rechten. Het Gerecht stelt voorop dat in dit kort geding niet kan worden vastgesteld wie rechthebbende is op de merken en/of de handelsnaam, mede omdat hierover nog een procedure in de Verenigde Staten loopt. Evenmin kan voorshands worden vastgesteld dat Liusa haar merkregistratie te kwader trouw heeft verricht. Voor de voorlopige beoordeling neemt het Gerecht daarom tot uitgangspunt wat Liusa en Lic jarenlang zelf als uitgangspunt hebben gehanteerd: Liusa gold als merkgerechtigde en Lic was op basis van licenties bevoegd de merken en recepten te gebruiken. Daarbij weegt mee dat Kortijn bij de activatransactie bekend was met deze licentieconstructie en het bestaande geschil over de IE-rechten, dat de curatoren bij de overdracht uitdrukkelijk geen garantie gaven over het bestaan, de status of overdraagbaarheid van die rechten en dat Kortijn nadien met Liusa over een licentie heeft onderhandeld zonder zich toen op het standpunt te stellen dat zij zelf merkhouder was. Onder deze omstandigheden kan Kortijn zich volgens het Gerecht in dit kort geding niet in redelijkheid op het standpunt stellen dat Liusa niet tegen haar gebruik van het LOVERS-merk mag optreden.